Aanpak van aaltjes is een kwestie van duurzaam beheer
De publiek-private samenwerking Bollen@Bodem & Aaltjes is afgerond. Om aaltjes te beheersen, is een brede aanpak nodig, zo blijkt uit dit onderzoek. Voor een duurzamere bollenteelt is vooral een gezonde bodem nodig.
Bollen staan vaak op huurland, waarbij de teler weinig tot niets te zeggen heeft over de voorvrucht en vaak geen kennis heeft van de bodemgezondheid van de gehuurde percelen. Daarnaast is er zelden een langdurige overeenkomst waarbij schriftelijk afspraken met de verhuurder zijn gemaakt over langdurige aaltjesbeheersing.
Wanneer de toestand van de bodem niet in kaart is gebracht, loopt een kostbare teelt als bolbloemen op huurland veel risico. Veel chemische gewasbeschermingsmiddelen om schade te voorkomen, zijn of worden verboden. Een weerbaar gewas in een gezonde bodem wordt steeds belangrijker. Daarvoor is integraal bodembeheer essentieel, ook op huurland.
In de publiek-private samenwerking (PPS) Bollen@Bodem & Aaltjes zijn kennis en instrumenten ontwikkeld om de bodem van percelen van eigen en huurland duurzaam te beheren. Daarbij lag de focus op aaltjesbeheersing in de bollensector. Studenten van Aeres Hogeschool Dronten hebben de huidige praktijk van de huur voor bollenteelt in beeld gebracht. Die praktijk vormt een obstakel om een weerbare bollenteelt in een gezonde bodem te bereiken.
Mondelinge afspraken
Slechts weinig telers werken met een langdurig bodemgebruiksplan op papier. Afspraken zijn vaak alleen praktisch, mondeling en gericht op de eigen belangen op korte termijn. Zelfs bij ondernemers die bij een beperkt aantal verhuurders land huren, zijn voorteelten, bodemkwaliteitsplannen of werkwijzen niet besproken.
Lees ook: 'Bodemgezondheid is vooral een kwestie van langetermijnvisie'
Telers hebben daarvoor verschillende redenen, die vaak op het persoonlijke vlak liggen. Binnen een bestaande relatie zou een papieren afspraak aan kunnen voelen als een vorm van wantrouwen, nieuwe verhuurders zou het kunnen afschrikken en huurders en verhuurders hebben een afkeer van handtekeningen en juridische afspraken.
Maar als een teelt zou mislukken door een hoge aaltjesbesmetting, dan is de vraag: wie is verantwoordelijk voor de geleden schade? Daarom is deze huidige praktijk aan verbetering toe, met het oog op een betere bodemgezondheid. Er moet aandacht zijn voor de belangen van beide partijen en openheid over de kennis en ervaring.
Checklist
Sjoerd van Vilsteren van Wageningen University & Research (WUR) heeft de ‘Checklist voor samenwerken: Bloembollen op huurland’ ontworpen. Hierin worden de wensen van beide partijen genoteerd. De checklist gaat over de basisgegevens van het perceel, aanwezige ziektes, onkruiddruk, vorige teelten en bemestingen. Maar ook over plant- en oogstdatum, grondbewerkingen en onkruidbestrijding voor en gedurende de teelt.
De groeiende maatschappelijke druk dwingt de bollensector om zich vaker als een goede gast te gaan gedragen. Vertrouwen moet de basis zijn voor het delen van gevoelige informatie, zoals slechte plekken wat betreft afwatering en besmetting met aaltjes. Een grondanalyse van de te gebruiken percelen door de huurder is een mooi begin. Daarnaast kan de teler in overleg met de verhuurder een vanggewas zaaien na de oogst.
Lees ook: Alle tools tegen aaltjes maximaal benutten
Een ingrijpende maatregel als inundatie, oftewel grond langdurig onder water zetten, zal niet vaak plaatsvinden op gehuurd land. Deze methode kost tijd en geld, maar komt opnieuw in beeld als de bodemgezondheid het belangrijkste onderdeel wordt van een gezonde teelt. Johny Visser van WUR heeft onderzoek gedaan om de effecten daarvan op korte en lange termijn in beeld te brengen.
Veel aaltjessoorten overleven niet in een zuurstofarme omgeving. Inundatie is daarom een mogelijkheid, maar kan niet overal. Bovendien is het effect niet blijvend. Dit onderzoek keek naar de effecten op korte en lange termijn op bodemvruchtbaarheid, bacteriën en schimmels, de aaltjesgemeenschap, plantenparasieten als nematoden en weerbaarheid tegen phytium.
Wat betreft het eerste aspect bleek dat de bodemvoorraad aan macronutriënten op niveau bleef. Zwavel en borium werden iets beter opneembaar. De structuur is het eerste teeltjaar zelfs verbeterd, ondanks het schijnbaar voor de hand liggende gevaar van inklinking.
Bodemleven herstelt zich
Daarnaast is er geen blijvend effect op de microbiële biomassa in de grond. Binnen een jaar is er weer volop bodemleven aanwezig. Na twee jaar is het weer grotendeels hersteld. Dit geldt ook voor de meeste niet-plantenparasitaire nematoden in de bodem.
Na twee jaar komt de weerbaarheid tegen phytium op het oude niveau terug, met daarnaast de garantie dat aardappelcysteaaltjes en bepaalde stengelaaltjes bij een goed uitgevoerde inundatie voor 100 procent worden bestreden. Telers hoeven dus niet bang te zijn dat zij door inundatie hun gronden blijvend gevoeliger maken voor ziekten en plagen. Ook is er een bestrijdend effect op wortelonkruiden.
Waardplanten van nieuw aaltje Anemones
Het nieuwe aaltje ‘Paratrichodorus anemones’ is bekend sinds 1965, maar pas sinds een probleem in de lelieteelt. Op plekken waar veel schade is, blijken hoge dichtheden voor te komen. De schade is te herkennen aan geelkleuring van de wortels. Er zijn meerdere mogelijke oorzaken waarom het aaltje nu vaker wordt gevonden. Zo lijkt de soort sterk op Paratrichodorus pachydermus, waardoor deze misschien niet altijd is herkend. Ook kunnen veranderingen in het bouwplan of andere teeltomstandigheden het probleem in de hand hebben gewerkt.
Een belangrijk deel van de bestrijding is de teelt van niet-waardplanten. Tijdens deze teelt is sprake van een natuurlijke afname. Voor deze nieuwe variant is in de afgelopen drie jaar in beeld gebracht welke voorvruchten waardplanten zijn en welke niet. Belangrijke conclusie is dat een bollenteler uit moet kijken met een voorvrucht als Japanse haver, suikerbiet en zomergerst. Verwarrend is dat sommige voorvruchten resulteren in een hogere besmetting met aaltjes, maar dat er tegelijkertijd hogere leliebolgewichten worden geoogst. Dit geldt voor Engels raaigras en bladrammenas. Eigenlijk zijn alleen mais en peen goede voorvruchten als je de besmetting met dit aaltje wilt verminderen en een hoge opbrengst wilt behalen.
Lees ook
Marktprijzen
Meer marktprijzen
Laatste nieuws
Nieuwste video's
Kennispartners
Meest gelezen
Nieuw op MechanisatieMarkt.nl
-

JOHN DEERE X350R ZITMAAIER 42" (WOL) #692562
Gebruikt, € 7.054
-

Fendt 309CAI
2006, P.O.A.
-

Deutz Fahr 6185 TTV (STE) #779278
Gebruikt, P.O.A.
-

JOHN DEERE X127 ZITMAAIER (HEN) #692290
Gebruikt, € 4.080
Vacatures
Financieel Administratief Medewerker Agrarisch
Wageningen University & Research - Wageningen
(Senior) Consultant Transitie Landelijk gebied
Deloitte Nederland - Amsterdam
Weer
-
Dinsdag18° / 6°0 %
-
Woensdag20° / 6°0 %
-
Donderdag21° / 7°0 %
















