Uireka vindt handvatten voor beheersing fusarium

Beheersing van de bodemschimmel fusarium zit vooral in een geïntegreerde aanpak, stelt gewasbeschermingsspecialist Mark Ermers van Cebeco Agro. 'Het is veelal een samenhang van factoren die telers kunnen helpen om fusarium de baas te kunnen, één enkele oplossing is er niet.'

Uireka+vindt+handvatten+voor+beheersing+fusarium
© Bert Evenhuis-Wageningen UR

De problemen met fusarium in de Nederlandse uienteelt zijn groot, constateert Ermers. 'We merken dat telers vaak nog schuchter zijn om toe te geven dat ze aantastingen hebben. We weten inmiddels dat de schimmel zich van jaar op jaar snel kan vermeerderen. De vraag is in hoeverre is de ziekte nog beheersbaar of het in sommige gevallen beter is om voor een alternatieve teelt te kiezen.'

Ermers van Cebeco Agro verzorgde dinsdag tijdens de Themadag Uien van Landbouwbeurs Noord- en Centraal-Nederland (LNCN) in Dronten een presentatie over de geïntegreerde aanpak van fusarium. Hij sprak daar namens de werkgroep Fusarium van ketenproject Uireka. 'In de zoektocht naar oplossingen voor het probleem fusarium is de opbouw van kennis cruciaal. Deze werkgroep heeft daarvoor de afgelopen jaren baanbrekend werk verricht.'

In het onderzoek naar de levenscyclus van de schimmel is onder meer vastgesteld dat kiemende sporen zich rond het wortelgestel van uien bevinden. Zij zorgen uiteindelijk voor verstopping van vaatbundels en belemmeren daarmee de groei. In de buurt van de planten produceert de schimmel zogeheten conidiosporen. Volgens Ermers blijkt dat het aantal fusariumsporen in een teeltseizoen met vijf tot vijftig keer kan toenemen.


Meest virulente soort

Analyse van isolaten van fusarium laat zien dat de soort Fusarium oxysporum f.sp. cepae (Foc) het meest virulent is voor uien. Een test op rotte uien in 2020 toonde aan dat 92 procent van de besmettingen door deze soort is veroorzaakt. Foc is via de TaqMan-detectie, een kwantitatieve PCR-methode, vast te stellen in plantmateriaal en in grondmonsters.

'Het lijkt erop dat we hiermee een biotoets hebben om fusarium al in een vroeg stadium te detecteren en zelfs ook te kwantificeren. Het is niet ondenkbaar dat de analyse op fusarium in de nabije toekomst wordt meegenomen in de reguliere grondbemonstering', verwacht Ermers. 'We kunnen dan samen met de perceelsgegevens beter voorspellen wat de druk van fusarium gaat zijn en welke maatregelen de telers eventueel kunnen nemen.'

Bij de bemonstering van aangetaste percelen hebben onderzoekers vastgesteld dat de sporen van fusarium behoorlijk gelijkmatig verspreid zijn en dus niet alleen worden gevonden in de haarden met veel plantuitval. Volgens Ermers zijn de sporen tot op behoorlijke diepte te vinden. 'Dat geldt zeker voor de bouwvoor, maar ook tot een diepte van 60 centimeter zijn nog sporen te vinden.'


Meer sporen geeft meer aantasting

In een bakkenproef probeerde de werkgroep Fusarium uit te vinden of er iets te zeggen is over schadedrempels, welke waardplanten de schimmel vermeerderen of juist onderdrukken en ook wat de effecten zijn van bepaalde middelen of behandelingen. Voor wat betreft de schadedrempels is aangetoond dat meer sporen in de bodem ook significant meer aantastingen geven in uien. Dit is niet verrassend, concludeert Ermers.

Uit de bakken met waardplanten blijkt dat in ieder geval gewassen als Japanse haver, Engels raaigras, haver en zomertarwe vermeerdering kunnen geven. Zelfs op aardappel lijkt fusarium te kunnen overleven. 'Voor bijvoorbeeld Japanse haver is de conclusie dat het weliswaar een prima groenbemester is, maar niet verstandig om te zaaien kort voor een uienteelt.' Het onderzoek naar waardplanten verdient zeker een vervolg, vindt Ermers.

Over het verwerken van reststromen van de uienteelt toont onderzoek van Uireka aan dat het vergisten van afval van uien een risico met zich meebrengt omdat niet alle sporen worden afgedood. Bij composteren en het uitrijden van compost is er geen gevaar voor verspreiding van fusarium.

Tot slot is zowel in een emmerproef als in het veld vastgesteld dat na vier maanden inundatie meer dan 99 procent van de fusariumsporen niet overleven. 'Inundatie wordt steeds meer gezien als oplossing voor de bestrijding van pathogene aaltjes en dan is de werking op fusarium een mooie bijvangst', vindt Ermers.


Invloed van beregenen

In de discussie aan het eind van zijn presentatie krijgt Ermers de vraag of hij iets kan zeggen over de relatie tussen grondsoorten en fusarium en ook over de invloed van beregenen. Over meer fusarium op klei of op zand zegt Ermers dat verschillende bodemeigenschappen een rol kunnen spelen, maar ook dat daarvoor nog nader onderzoek nodig is.

Bij beregenen gelden verschillende theorieën, meldt Ermers. 'Aan de ene kant weten we dat fusarium een vochtminnende schimmel is en dat zeker overmatig beregenen infecties in de hand kan werken. Aan de andere kant is een vitaal gewas ook weerbaarder en dus is het van belang om de uien ook tijdens droogte goed aan de groei te houden.'


Webinar Telen met data: dit zijn de laatste ontwikkelingen

In de land- en tuinbouw wordt steeds meer gewerkt met digitale tools. Harde data helpen boeren en tuinders betere beslissingen te nemen. Maar sluiten oplossingen aan bij de praktijk, welke oplossingen zitten in de pijplijn en welke valkuilen komen we als sector tegen? In dit webinar van Nieuwe Oogst en Bayer gaan verschillende experts in op deze vragen. Aanmelden kan hier: Telen met data: dit zijn de laatste ontwikkelingen, 25 januari van 19.30 tot 20.30 uur.

Bekijk meer over:

Lees ook

Marktprijzen

Meer marktprijzen

Laatste nieuws

Nieuwste video's

Kennispartners

Meest gelezen

Nieuw op MechanisatieMarkt.nl

Meer advertenties

Vacatures

Weer

  • Zaterdag
    8° / 7°
    30 %
  • Zondag
    8° / 5°
    20 %
  • Maandag
    7° / 1°
    10 %
Meer weer