NMI: landbouw kan niet zonder kunstmest

De bemesting in Nederland is vaak een combinatie van dierlijke mest en kunstmest. Via het meng- en ruwvoer is de dierlijke mest, en daarmee ook kunstmestvervangers, grotendeels herleidbaar tot kunstmest.

NMI%3A+landbouw+kan+niet+zonder+kunstmest
© Johan Wissink

Projectmanagers Romke Postma en Wim Bussink van het Nutriënten Management Instituut (NMI) hebben onlangs de notitie 'Wat zijn kunstmestvervangers zonder kunstmest?' opgesteld. Deze notitie vloeit voort uit een literatuurstudie in opdracht van Meststoffen Nederland, de brancheorganisatie van Nederlandse kunstmestproducenten, importeurs en distributeurs.

Postma en Bussink signaleren dat mede door sterk stijgende kunstmestprijzen het gebruik van kunstmest onder een vergrootglas ligt en de aandacht voor mogelijke alternatieven groeit.


Nutriënten

Toch zien de onderzoekers dat nutriënten in dierlijke mest, mineralenconcentraat en andere kunstmestvervangers via geïmporteerd krachtvoer en/of ruwvoer voor een belangrijk deel zijn terug te voeren op kunstmest. Voor stikstof is dit 70 tot 80 procent, voor fosfor en kalium 50 tot 60 procent.

Krachtvoergrondstoffen komen grotendeels uit het buitenland

Wim Bussink, projectmanager Nutriënten Management Instituut

'Dierlijke meststoffen en kunstmestvervangers zijn in feite gerecyclede kunstmeststoffen', zegt Bussink. Daarbij is 62 procent van de stikstofaanvoer in de veehouderij afkomstig van krachtvoer en 33 procent van de aanvoer in de vorm van kunstmest.

In krachtvoer zijn stikstof, fosfor en kalium grotendeels te herleiden tot kunstmest. De grondstoffen zijn vaak afkomstig van in het buitenland geteelde gewassen die voor het grootste deel met kunstmest worden geteeld.


Behoefte aangevuld

Bussink: 'In bijvoorbeeld de melkveehouderij worden gras en mais geteeld met als basis dierlijke mest, die de behoefte aan fosfor en kali dekt. Voor de stikstofbehoefte wordt 40 tot 50 procent aangevuld met kunstmest.'


Het rantsoen voor rundvee bestaat voor 74 procent uit dit ruwvoer en 20 procent uit krachtvoer. Dat laatste bevat vooral tarwe en gerst en daarnaast sojaschroot en palmpitschilfers. Verder bestaat dit rantsoen uit vochtrijke coproducten, zoals bierbostel en bietenpulp en 2 procent losse grondstoffen.


Soja en palmpitschilfers

Volgens de onderzoekers komen de bestanddelen in het krachtvoer grotendeels uit het buitenland: graan uit Europa, soja en palmpitschilfers uit Noord- en Zuid-Amerika, Azië en Afrika. Bij dit graan bestaat de stikstofgift voor 70 tot 80 procent uit kunstmest, bij fosfor en kalium is dit 40 tot 60 procent. Bij soja wordt ook fosfor en kalium bemest. Deze vlinderbloemige plant haalt stikstof uit de lucht.

Het rantsoen voor varkens bestaat voor 73 procent uit krachtvoer, vooral mais, tarwe, triticale, rogge en gerst. Ook worden 18 procent losse grondstoffen ingezet en 9 procent vochtrijke coproducten, zoals tarwegistconcentraat en tarwezetmeel. Het rantsoen voor pluimvee bestaat vooral uit mais, tarwe en erwten.


Tarwe en gerst

Volgens Postma komen de bestanddelen in krachtvoer voor varkens en kippen voor 85 tot 95 procent uit het buitenland, waarbij op drogestofbasis 60 procent van het voer uit import van tarwe en gerst uit omringende EU-lidstaten komt en 20 procent van reststoffen uit de levensmiddelenindustrie en uit Nederlands voergraan.

Het resterende aandeel droge stof in voer is vooral soja uit Noord- en Zuid-Amerika. Net als bij rundveekrachtvoer wordt ook hier de bemesting van granen en raapzaad grotendeels met kunstmest gedaan.

Van de opgenomen stikstof en fosfaat komt 62 procent in de dierlijke mest terecht. Daarmee is een deel van de nutriënten in die mest te herleiden tot kunstmest, gelet op het rantsoen iets meer bij varkens dan bij rundvee. 'Aangezien mineralenconcentraat of kunstmestvervangers bijna altijd afkomstig zijn van varkensdrijfmest, geldt dat dus ook voor kunstmestvervangers', zegt Postma.


Schijnbare tegenstelling

Directeur Reinier Gerrits van Meststoffen Nederland erkent dat hij die resultaten enigszins had verwacht en hoopt dat hiermee de schijnbare tegenstelling tussen organische mest en kunstmest wat wordt weggenomen.

'Het is lastig om te werken aan een kunstmestloze, circulaire landbouw. Als je kijkt naar het totale systeem van het produceren van voedsel, dan is er altijd wel ergens een vorm van kunstmest nodig. Zeker wanneer je alle nutriënten zo goed en volledig mogelijk wilt benutten. Als je er aan de voorkant niets in stopt, dan komt er aan de achterkant niets uit. Dat geldt voor zowel dier als gewas.'


Bijzondere positie

Gerrits erkent dat Nederland samen met andere regio's een bijzondere positie heeft, omdat er hier veel organische en dierlijke mest beschikbaar zijn.
'Kunstmest is juist hier de aanvulling van nutriënten op maat. Er zijn individuele boeren die het zonder kunstmest redden. Biologische telers gebruiken zelf geen kunstmest, maar mogen om hun nutriënten aan te vullen wel mest van gangbare bedrijven aanvoeren', zegt de directeur van Meststoffen Nederland.

'Zelf ben ik ook een voorstander van efficiënt bemesten en met zo min mogelijk verliezen. Dat betekent ook dat je zo min mogelijk nutriënten hoeft aan te voeren in de vorm van kunstmest. Zonder kunstmest is een illusie. Dan zou je geen verliezen hebben.'


De juiste hoeveelheid op het juiste moment

De nutriënten die met dierlijke mest én kunstmest in de landbouw worden toegediend aan bodem en gewas, moeten zo efficiënt mogelijk worden benut, stellen Wim Bussink en Romke Postma van het Nutriënten Management Instituut. Op die manier gaat er zo weinig mogelijk verloren via het water en de lucht. Dit is niet alleen goed voor het milieu, maar bij de huidige kunstmestprijzen is dit ook goed voor de portemonnee. Door een hoge benutting is namelijk minder input van meststoffen nodig. Een goede timing en een goed management zijn hiervoor van groot belang. Het is belangrijk dat de juiste meststof op het juiste moment op de juiste plaats en met de juiste methode wordt gegeven. Dit speelt vooral bij mineralenconcentraat. 'Stikstof in mineralenconcentraat gaat gemakkelijk verloren via ammoniakvervluchtiging, maar bij een juiste opslag en toediening wordt dit tot een minimum beperkt', zegt Bussink.

Bekijk meer over:

Lees ook

Marktprijzen

Meer marktprijzen

Laatste nieuws

Nieuwste video's

Kennispartners

Meest gelezen

Nieuw op MechanisatieMarkt.nl

Meer advertenties

Vacatures

Weer

  • Dinsdag
    23° / 10°
    5 %
  • Woensdag
    27° / 16°
    5 %
  • Donderdag
    26° / 15°
    55 %
Meer weer