WUR%3A+niet+te+rooskleurig+doen+over+strokenteelt
Achtergrond
© Ad van Haperen

WUR: niet te rooskleurig doen over strokenteelt

Er is veel aandacht voor meer biodiversiteit. De focus ligt op minder monoculturen en meer ruimtelijke gewasdiversiteit voor weerbaarheid tegen ziekten, plagen en extreem weer. Veel wordt verwacht van strokenteelt. Hoe realistisch is dat en hoeveel perspectief heeft dat voor gangbare akkerbouwers in de toekomst? Er zijn veel praktische bezwaren. Bovendien worden de inspanningen en het productieverlies niet betaald door consument, retail en industrie. Een verdienmodel zonder subsidie ontbreekt. Strokenteelt heeft potentie op enkele punten, maar blijkt zeker nog niet klaar voor de praktijk.

Voor een duurzamere omgang met de bodem en de natuur in de gangbare akkerbouw wordt veel verwacht van strokenteelt. De voordelen en doelen zijn bekend: door een perceel op te delen in stroken, kunnen gewassen elkaar versterken in stikstofbinding, mineralenverliezen beperken en beschermen tegen ziekten en plagen. Een hoog graangewas kan bijvoorbeeld schimmelsporen zoals phytophthora tegenhouden.

De biodiversiteit in bodem neemt toe, insecten worden talrijker en klein wild kan schuilen in gewassen met verschillende groeiseizoenen. In combinatie met agroforestry kunnen zelfs bomen en struikenrijen voedsel ontsluiten voor gewasstroken. Het is een kwestie van de juiste gewascombinaties naast elkaar zetten, is het idee. De potentie van strokenteelt wordt vaak bekeken in combinatie met doelen uit de biologische landbouw.


Robotisering

De voordelen moeten het minimale gebruik van gewasbeschermingsmiddelen en kunstmest opheffen. Dikwijls wordt de visie over strokenteelt nog uitdagender gemaakt met onbereden beddenteelt en gerobotiseerde autonome voertuigen die kleinschalig werken. Zij moeten arbeid en emissie besparen en misschien het logistieke probleem verzachten.

Uiteindelijk zal dit soort beleid de marges alleen maar verder verkleinen, wat juist schaalvergroting in de hand werkt

Marcel Scholtens, akkerbouwer in Luttelgeest en lid van LTO-vakgroep Akkerbouw en Vollegrondsgroente

Nu de proeven meerdere jaren lopen, zijn vaker scepsis en de roep om relativering te horen. Het beeld dat wordt afgeschilderd van strokenteelt, is te rooskleurig. 'We moeten ervoor waken dat beleidsmakers alleen de positieve aspecten van het systeem meenemen in de besluitvorming en het dus als een nieuwe standaard gaan zien', zegt Joost Rijk, bedrijfsleider van het biologisch proefbedrijf en de Boerderij van de Toekomst van Wageningen University & Research (WUR) in Lelystad.

'Net als biologische landbouw is strokenteelt geen makkelijker vorm van landbouw die zomaar overal is toe te passen zonder grote gevolgen. Het is nog altijd een vorm van landbouw die in opbouw is en zich ontwikkelt, maar deze ontwikkeling moet niet worden geforceerd.'


Geen cherry picking

De goede resultaten voor biodiversiteit in strokenteelt zijn er, maar duidelijk is ook dat het niet overal werkt. 'Ik ben niet tegen strokenteelt, maar er moet meer onderzoek komen en niet gaan drijven op subsidie', stelt Marcel Scholtens, akkerbouwer in Luttelgeest en lid van LTO-vakgroep Akkerbouw en Vollegrondsgroente. 'De opbrengsten zijn nu veel lager en de kosten veel hoger, die nog niet worden betaald. In de communicatie van onderzoek en politiek is het vaak cherry picking in de positieve resultaten. Daar moet je voorzichtig mee zijn', zegt hij.

'Je moet het doen waar het kan, maar er als land niet van afhankelijk worden', vindt Scholtens. 'Het kan de gangbare landbouw nooit vervangen in opbrengst en efficiëntie. Mijn vader en moeder hebben nog honger gekend. De mensen die denken dat biologische landbouw en strokenteelt de enige weg zijn, zijn dat kennelijk alweer vergeten.'


Zand- en kleigrond

Op de proeflocatie Open Teelten van de WUR in Vredepeel werkt Ad van Haperen, regionaal onderzoeker akkerbouw, met enkele collega's en groepen van biologische en gangbare telers. Zij kijken hoe strokenteelt uitpakt op de zand- en kleigrond in Zuid-Nederland. Zand is veel gevoeliger voor bodemziekten en bijvoorbeeld aaltjes. De onkruiddruk is anders en het Brabantse coulisselandschap geeft andere uitdagingen.

Eerste vraag van Van Haperen: 'Wat je definieert onder een strook? In Aziatische landen werken ze eigenlijk op microniveau, specifiek per rij gewas. Maar daar gaat alles met de hand en is arbeid goedkoop.'


Hoe breed is een strook?

De onderzoeker vervolgt: 'Hier zal de breedte van het gangbare machinepark de strookbreedte bepalen. Maar met spuitbomen van 40 meter worden stroken te breed om de voordelen in symbiose van verschillende gewassen te benutten. Werken met sectieschakeling geeft nog geen oplossing in driftreductie naar de akkerranden. De capaciteit is bovendien helemaal weg en je moet steeds veranderen van instelling.'


Tekst gaat verder onder kader.

Toekomst van de landbouw

De rol van boeren en tuinders in onze samenleving en het belang van een eigen voedselproductie staan ter discussie. In de serie 'Toekomst van de landbouw' diept Nieuwe Oogst het onderwerp uit. Hoe ziet de toekomstige landbouw eruit en welke plek hebben de boeren en tuinders in de veranderende samenleving? De serie is niet bedoeld om de toekomst te voorspellen, maar om denkrichtingen te bieden over hervormingen van de landbouw, de rol van voedsel, mondialisering, regionalisering, gezondheid en technologie. Volg de verhalen via nieuweoogst.nl/toekomst.

Scholtens houdt op zijn bedrijf van 400 hectare een marge van ruim 1 meter in het spuiten van gewasranden met kantdoppen. 'Het is de vraag hoe ze dat willen gaan doen bij strokenteelt, want een klein beetje residu is in een naburig gewas zo gevonden. Als je in een strook van 3 of 6 meter ook een meter marge moet houden, blijft er weinig van je opbrengst over. Elke gewasgrens geeft überhaupt meer onkruid en minder opbrengst en het kan juist ook infecties overdragen. Ook trips zit altijd op de randen van percelen. Dan krijg je het dus overal.'


Elke meter benutten

De grond is hier 140.000 euro per hectare, vervolgt de akkerbouwer. 'Al was hij 40.000 euro, dan nog wil je elke meter benutten. De marges zijn flinterdun. Bovendien hebben er bij ons nog nooit zoveel vogels, reeën, vossen, hazen en vissen gezeten als nu. Vogels zitten bovendien liever bij ons dan op een biologisch perceel. Daar wordt zo vaak door het land gereden voor mechanische onkruidbestrijding dat geen vogel er meer wil zitten.'


De mechanisatie moet op veel punten compleet worden aangepast. Vaak zal de strookbreedte een veelvoud zijn van 3 meter, de gangbare werkbreedte van machines. Van Haperen: 'Hoe werk je dan met een maaibord van 7,2 meter? Eigenlijk wil je niet over een belendende strook rijden om de bodem niet te veel te belasten, maar vaak kan het ook niet omdat het gewas er nog staat', legt hij uit.


Grasstrook ertussen

'Soms moet je dan bij het oogsten kiezen voor een grasstrook ertussen, waar de kipper kan rijden. Dit kost natuurlijk opbrengst. Zeker bij de oogst speelt dit, want alle rooiers en oogstmachines met een bunker uitvoeren wordt te duur. De strook mag dan bovendien ook weer niet te lang zijn omdat anders de bunker halverwege vol zit', schetst de onderzoeker de dilemma's. Strokenteelt is ook lastig met beregenen en kunstmest strooien.

Ook ploegen is niet meer vanzelfsprekend. Dat gaat niet meer met stroken van verschillende breedtes. 'Voor fijnzadige gewassen als uien en peen wil je een fijn zaaibed. Echt keren van de grond gaat niet meer door de begin- en eindvoor. Er bestaat een voorloze beddenploeg, maar misschien dat de spitmachine ook uitkomst kan bieden om toch een gereduceerde grondbewerking te doen. Dat geeft wel een ander zaaibed', zegt de onderzoeker.


Logistiek zware belasting

Vooral de logistiek die bij strokenteelt komt kijken, wordt een enorme belasting. Van Haperen: 'Door het coulisselandschap hebben akkerbouwers hier te maken met veel kleine kavels van enkele hectares, die vaak op afstand liggen. Als je in plaats van één vijf gewassen op een kavel teelt, moet je daar dus vijf keer vaker terugkomen om bijvoorbeeld te spuiten. Met stroken zal het uitrijden van organische mest ook een hele organisatie worden. Het geeft veel meer transportbewegingen. Dat is weinig duurzaam en de buren zullen er ook niet blij mee zijn.'

Veel oplossingsgerichte ideeën gaan richting autonome robots die op het veld blijven. Maar deze techniek staat nog zover in de kinderschoenen dat deze de strokenteelt nu ook niet vooruithelpt. Bovendien moeten mensen de robots nog steeds verplaatsen over de weg tussen verschillende percelen.


Problemen voor industrie

Van Haperen ziet wat betreft logistiek ook voor de groenteconserven- en verwerkende industrie de noodzaak om zich aan te passen. Deze industrie werkt met strakke leveringsschema's en protocollen. 'Als er veel kleine hoeveelheden erwten of bonen op veel verschillende locaties staan, is niet alles tegelijk rijp en moeten zij echt een logistieke omslag maken om de fabrieken draaiende te houden.'


Ad van Haperen, onderzoeker akkerbouw bij Wageningen University & Research.
Ad van Haperen, onderzoeker akkerbouw bij Wageningen University & Research. © Lé Giesen

Een goed bouwplan in elkaar zetten met strokenteelt is lastig. 'Veel akkerbouwers rouleren met huurgrond. Dan moet je rekening houden met het gewas van de vorige gebruiker en is de kans dus klein dat er alle verschillende gewassen te telen zijn. Dat wordt dus een hele puzzel.' Dat geldt overigens ook bij omschakeling van eigen grond van gangbaar naar stroken, zegt Scholtens.

'Het is net als omschakelen naar biologisch, met 2,5 jaar minder opbrengst tegen de gangbare prijs. Met de overstap naar strokenteelt kun je de laatste gewassen die je teelde, ook niet opnieuw zetten op je stroken', stelt de akkerbouwer.


Aaltjesbestrijding

'Ook hoe de Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit de aaltjesbestrijding gaat borgen, is een vraagteken. Het is voor de satellieten en het personeel van de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland nu al moeilijk om via beelden de juiste grens te bepalen. Laat staan met strokenteelt. Als ze er een paar meter naast zitten, is de strook al weg.'

Nog een manco: 'In Zuid-Nederland heb je veel meer te maken met ongelijkvormige, kleine percelen dan elders. Dat betekent dat je bij rechte stroken veel meer verloren randen, kopakkers en geren krijgt. Die ruimte kun je dan alleen nog maar inzaaien met bloemzaden of grasklaver', zegt Van Haperen. 'Zo leven er nog veel vragen over strokenteelt zoals het optimale aantal gewassen en in welke rotatie deze te telen. Het onderzoek geeft steeds meer antwoorden, maar klaar voor de gangbare praktijk is het systeem nog niet.'


Ontbreken vergoeding brengt schaalvergroting

Overstappen op strokenteelt lijkt voor gangbare akkerbouwbedrijven praktisch onmogelijk. Zeker op grote schaal met de huidige mechanisatie, structuren en regelgeving en afnemers. Mochten de praktische problemen de komende decennia verminderen, dan blijft het de vraag hoe al deze moeite, investeringen en productieverlies worden betaald. Vanuit retail en industrie is er nog geen meerprijs, keurmerk of andere wijze van compensatie, laat staan een degelijk verdienmodel. Ook subsidies vanuit het Gemeenschappelijk Landbouwbeleid zijn nog niet geregeld. 'Het deel van de consumenten dat bereid is voor deze inspanning te betalen, is te klein', weet Marcel Scholtens, akkerbouwer in Luttelgeest en lid van LTO-vakgroep Akkerbouw en Vollegrondsgroente. 'Dat is wel nodig om de sector gezond te houden. Het overgrote deel van de consumenten kiest gewoon het goedkoopste of lekkerste product', constateert hij. 'Uiteindelijk zal beleid dat richting dit soort teeltwijzen stuurt, de marges in de akkerbouw alleen maar verder verkleinen', verwacht Scholtens. 'Kleine marges werken juist schaalvergroting in de hand. De gemiddelde akkerbouwer ziet zich dan genoodzaakt om te stoppen, terwijl de grote bedrijven wel door kunnen vanwege hun efficiëntie in werken.'

Bekijk meer over:

Weer

  • Donderdag
    6° / 2°
    70 %
  • Vrijdag
    5° / 0°
    70 %
  • Zaterdag
    7° / 3°
    70 %
Meer weer