Rabobank%3A+%27Nederland+te+duur+voor+teelt+goedkoop+fruit%27
Achtergrond
© Vidiphoto

Rabobank: 'Nederland te duur voor teelt goedkoop fruit'

Het wordt volgens sectorspecialisten Arne Bac en Cindy van Rijswick van Rabobank hoog tijd dat Nederlandse fruittelers het mooie perspectief van hun sector kunnen verzilveren. Rabobank geeft de telers in een nieuwe publicatie handvatten om na te denken over het verdienmodel dat het beste past bij hun bedrijf en ondernemerschap.

'Conference aanplanten omdat de bomen toevallig goedkoop zijn, is wellicht niet zo verstandig', stelt Arne Bac, sectorspecialist tuinbouw bij Rabobank. 'Meestal is daar een reden voor. Wij vinden dat fruittelers bij hun rassenkeuze of bij andere keuzes die ze maken voor hun verdienmodel vooral moeten kijken naar de mogelijkheden op de afzetmarkt.'

Samen met zijn collega Cindy van Rijswick schreef Bac namens Rabobank een publicatie over de hardfruitsector in Nederland. Ze kijken daarin vooruit naar de periode tot 2030. Een belangrijke boodschap is dat Nederland een te duur land is om fruit te telen voor de goedkoopste aanbieder. 'Het moet geen ratrace worden', waarschuwt Van Rijswick. 'Het is beter om meer geld te verdienen met minder product.'

De hardfruitsector heeft een mooi verhaal te vertellen, benadrukt Van Rijswick. 'Appels en peren zijn fantastische producten die goed aansluiten op de gezondheidstrends. Maar helaas is de sector bedrijfseconomisch niet altijd even gezond.'

Het is beter om meer geld te verdienen met minder product

Cindy van Rijswick, sectorspecialist tuinbouw bij Rabobank

Structureel lage rentabiliteit

Om dat te onderstrepen wijst Bac erop dat de rentabiliteit in de sector de laatste tien jaar vrijwel structureel lager is dan 100 procent. Tegenvallende prijzen en hogere kosten zorgen er volgens hem voor dat bedrijven weinig verdienen en dat de sector daardoor in een soort pauzestand is terechtgekomen.

Over het perspectief van de appelteelt in Nederland meldt Rabobank dat de focus ligt op de binnenlandse markt. Het aandeel export van 20 procent zal de komende jaren niet groter worden. Rabobank gaat uit van een krimp van de Europese appelmarkt door de dalende bevolkingsgroei en lagere consumptie vanwege concurrentie met andere fruitsoorten.


Concurrentie van België

Voor de Nederlandse peren ligt het aandeel export veelal tussen 70 en 90 procent. Rabobank verwacht dat de consumptie van peren in Europa zal stabiliseren en dat geldt ook voor het marktaandeel van Nederland. Dit heeft onder meer te maken met de concurrentie van landen als met name België.

Als het gaat om de ontwikkeling van de fruitbedrijven constateert Rabobank dat de schaalvergroting relatief langzaam op gang is gekomen. Maar die achterstand wordt de komende jaren waarschijnlijk wel goed gemaakt. 'Elke tien jaar halveert het aantal bedrijven, dat gebeurt nu ook versneld in de fruitteelt. Er komen meer grotere bedrijven en juist die schaalvergroting biedt kansen voor ondernemers die willen vernieuwen', verklaart Bac.


Drie verdienmodellen

De variatie om te kiezen voor een passend verdienmodel ziet Van Rijswick als voordeel voor fruittelers. Dat heeft volgens haar te maken met de diversiteit aan producten, rassen, afzetkanalen en de mogelijk positieve bijdrage aan de omgeving. In de publicatie heeft Rabobank als richtlijn drie verdienmodellen omschreven.

Het eerste verdienmodel is de productspecialist die zich richt op de grootschalige teelt van appels en peren. Deze ondernemer heeft behoefte aan sterke afzetpartners. De zelfverwaarder is de ondernemer die naast de teelt zelf zijn afzet regelt en daarom investeert in huisverkoop of sortering en bewaring. De verbreder tot slot combineert de fruitteelt met andere bedrijfsactiviteiten. Bij bedrijven die hiervoor kiezen is schaalgrootte minder belangrijk.

'Deze omschrijving van verdienmodellen is vooral een oproep aan telers om na te denken over hun identiteit als ondernemer', legt Van Rijswick uit. Naast het verdienmodel wil Rabobank dat de fruittelers ook nadenken over het onderscheidend vermogen van hun eigen bedrijf, maar ook van de fruitteelt in Nederland. De rassenkeuze speelt daarbij een bepalende rol.


Goede marketing

'Natuurlijk is de teelt van nieuwe rassen of conceptrassen een kans voor fruittelers. Zeker zolang sprake is van iets onderscheidends dat met goede marketing in de markt wordt gezet', aldus Bac. 'Maar dat neemt niet weg dat er ook voor standaardrassen als Jonagold, Elstar en Conference wel degelijk perspectief is. We kunnen nu eenmaal niet alleen Kanzi of Sprank telen. Het is wel belangrijk voor de kwaliteit van het fruit dat de aanplant op tijd wordt vervangen.'

Het advies van Bac en Van Rijswick is om bij de rassenkeuze contact te houden met de afzetpartners en afnemers. 'Een ongebreidelde groei is nooit goed. Het doel is een vraaggestuurde keten en een markt die in balans is', vindt Bac.

Tot slot verwijzen de sectorspecialisten in hun publicatie naar de ontwikkelingen van de fruitteelt in Nieuw-Zeeland. Zij zien dat als mooi voorbeeld. Van Rijswick: 'Natuurlijk zijn de omstandigheden niet helemaal te vergelijken, gezien de exportmogelijkheden in Azië. Maar de Nieuw-Zeelandse fruitteelt laat wel zien dat een hoge kostprijs geen belemmering hoeft te zijn voor een goed rendement.'

Bekijk meer over:

Weer

  • Maandag
    19° / 9°
    20 %
  • Dinsdag
    18° / 7°
    10 %
  • Woensdag
    19° / 8°
    10 %
Meer weer