Niet%2Dkerende+grondbewerking+en+compost+verbeteren+bodembeheer
Achtergrond
© Han Reindsen

Niet-kerende grondbewerking en compost verbeteren bodembeheer

Niet-kerende grondbewerking (NKG) levert op kleigrond een positieve bijdrage aan de waterhuishouding en de biodiversiteit. Op de productie is geen eenduidig effect gevonden. Op zand- en dalgrond blijkt de maatregel een positief effect te hebben op productie en recycling van nutriënten en geen effect op waterhuishouding.

Dit blijkt uit het rapport 'PPS Beter Bodembeheer 2017-2020'. Bij dit onderzoek is bij verschillende grondsoorten gekeken naar de effecten van diverse maatregelen op bodemkwaliteit en ecosysteemdiensten.

Bij de maatregelen is gekeken naar het effect op de bodemfuncties zoals productiviteit, waterhuishouding, recycling van nutriënten, koolstofvastlegging en leefgebied voor biodiversiteit. De focus is gelegd op NKG en de aanvoer van organische stof door compost.

Het rapport beschrijft de brede effecten van bodemmaatregelen voor een duurzaam bodembeheer. Het onderzoek richt zich vooral op bodemkwaliteitsaspecten (organische stof, fysische, chemische en biologische bodemkwaliteit), bodemfuncties (water, nutriënten, koolstof en biodiversiteit) en de toepasbaarheid van maatregelen (arbeid, machines en kennis).


Wisselend beeld

De analyse mondt vaak uit in een wisselend beeld. Duidelijk wordt dat NKG op kleigrond een positieve bijdrage levert aan de functies waterregulatie en waterzuivering en habitat voor biodiversiteit.

Op de productie van het gewas is geen eenduidig effect gevonden. Op zand- en dalgrond blijkt juist dat de maatregel een positief effect heeft op productie en recycling van nutriënten. Er is geen effect op waterregulatie en waterzuivering.



Onkruiddruk

Met NKG wordt de onkruiddruk op alle grondsoorten groter. Maar volgens de onderzoekers is deze wijze van grondbewerking vooral goed op zand- en dalgrond en iets minder goed op klei. 'Met inachtneming van een aantal toepasbaarheidsvraagstukken, zoals onkruidbeheersing en productiviteit van fijnzadige gewassen, is het een geschikte maatregel voor beter bodembeheer', stelt het rapport.

De aanvoer van organische stof door compost heeft voor alle grondsoorten een positief effect op de productiviteit van de bodem en de koolstofvastlegging. Voor deze wijze van organische stofaanvoer zijn op zowel klei als zandgrond nog enkele onbekende effecten, zoals op waterregulatie en waterzuivering.


Extra organische stof

Het aanvoeren van extra organische stof door compost is een goed toepasbare maatregel behalve dat het kosten met zich meebrengt en de beschikbaarheid van goede kwaliteit compost gering is. Ook zijn er wettelijke normen rondom het toepassen van organische stof.

Ook is gekeken naar het effect van groenbemesters. Op klei hebben groenbemesters een positief effect op erosie, klimaatadaptatie en biodiversiteit. Groenbemesters zijn op klei goed toepasbaar.


Aaltjes

Op zandgrond zijn neutrale tot positieve effecten van groenbemesters gevonden op gewasopbrengst en gewaskwaliteit en positieve effecten op klimaatadaptatie. Vanwege de kans op vermeerdering van schadelijke aaltjes is de toepasbaarheid op zandgrond lager.


De kwalitatieve analyse is gedaan op de drie facetten bodemkwaliteitsaspecten, bodemfuncties en de toepasbaarheid van maatregelen en bij zes maatregelcategorieën: gereduceerde grondbewerking, organische stofaanvoer, groenbemesters, bemesting, grondontsmetting en combinaties van maatregelen.

De analyse resulteert in een wisselend beeld. Positieve, negatieve en neutrale effecten van maatregelen zijn aangetroffen binnen maatregelcategorieën en grondsoorten. Daarnaast zijn enkele effecten nog onzekerheden of onbekend.


Doelstelling

Het onderzoek in het kader van het rapport 'PPS Beter Bodembeheer 2017-2020' draagt bij aan de doelstelling in het Nationaal Programma Landbouwbodems. Daarin wordt beoogd dat alle landbouwgronden in Nederland in 2030 duurzaam worden beheerd.

De PPS 'Beter Bodembeheer' is vorig jaar afgelopen. Dit jaar wordt het werk voortgezet via de PPS 'Beter Bodembeheer – integraal en naar de praktijk'. Onderzoekers gaan uitgebreider naar de bodemkwaliteitsaspecten kijken. Dat gebeurt ook voor combinaties tussen maatregelen. Ook worden de mogelijke economische consequenties op de lange termijn aangegeven.


Zaagsel kan groei bodemschimmels stimuleren

Zaagsel kan goede schimmels in de bodem stimuleren om te groeien en zo gewassen op een natuurlijke manier helpen beschermen. Dat ontdekte bodemecoloog Anna Clocchiatti van het Nederlands Instituut voor Ecologie (NIOO-KNAW), die vorige week is gepromoveerd op haar onderzoek. 'Schimmels kunnen de landbouw verduurzamen en houtresten zijn te goed om te verbranden.' Houtresten, zoals zaagsel, kunnen goede diensten bewijzen in de landbouw als voeding voor de bodem. Om precies te zijn: voor de voeding van een groep 'good guys' onder de bodemschimmels. Clocchiatti liet deze schimmels met zaagsel beter groeien en zag daarna dat ze ziekteverwekkers op de wortels van gewassen onderdrukten. Dat is een belangrijke vondst voor verduurzaming van ook de intensieve landbouw. In de bodem komen van nature vele soorten schimmels voor. Meestal gaat het in de landbouw om ziekteverwekkers. Een tweede bekende groep zijn de mycorrhiza, die een innige relatie aangaan met de wortels van veel gewassen. Een derde belangrijke groep zijn de saprotrofe schimmels. Zij eten dode organische materialen en doen aan 'natuurlijke ziekteonderdrukking'. Wat eten deze schimmels het liefst? 'Cellulose is de drijvende kracht achter het stimuleren van saprotrofe schimmels', stelt Clocchiatti. Ze testte verschillende celluloserijke materialen zoals zaagsel en papierpulp. Die geven schimmels de meeste boost. Compost werkte veel minder goed, omdat het vaak al te ver is afgebroken. Groenbemesters stimuleren bodemschimmels alleen maar kort.

Weer

  • Zondag
    24° / 14°
    20 %
  • Maandag
    20° / 15°
    70 %
  • Dinsdag
    17° / 10°
    20 %
Meer weer