Gewasrotatie+aanpassen+kansrijke+methode+voor+koolstofvastlegging
Achtergrond
© Twan Wiermans

Gewasrotatie aanpassen kansrijke methode voor koolstofvastlegging

In het Klimaatakkoord staat dat de Nederlandse landbouw een halve megaton koolstof per jaar in de bodem van minerale gronden moet vastleggen. Programma Slim Landgebruik rekent uit hoe dat kan worden bereikt. Chris Koopmans van het Louis Bolk Instituut stelt dat van aanpassingen in de gewasrotatie veel wordt verwacht.

'Mogelijkheden voor de vastlegging van koolstof in de Nederlandse landbouw en natuur.' Zo heet een Alterra-rapport van Jan Peter Lesschen en een groep medeonderzoekers uit 2012. Aan het programma Slim Landgebruik de taak om te toetsen of en in welke mate deze factoren bijdragen aan het vastleggen van een halve megaton kooldioxide per jaar.

Koopmans is als hoofd wetenschappelijke en commerciële ontwikkeling van het Louis Bolk Instituut verbonden aan Slim Landgebruik. Hij proeft de honger naar antwoorden op vragen rond het vastleggen van koolstof in de bodem. 'In november hebben we alle betrokken partijen geïnformeerd over wat we weten. We zijn nog maar twee jaar bezig, maar de mensen worden al nieuwsgierig.'

Welke maatregelen dragen bij aan de doelstelling? Dat onderzoekt het team van Slim Landgebruik in opdracht van LNV. Naast het Louis Bolk Instituut zijn deskundigen van Wageningen University & Research en het Centrum voor Landbouw en Milieu erbij betrokken. 'We werken met twee netwerken: in de akkerbouw en in de veehouderij. Onze vraag is waar bedrijven de kansen zien die aan de keukentafel bespreekbaar zijn', zegt Koopmans.

Een dergelijke strategische verandering vraagt wel ondersteuning van de overheid

Chris Koopmans, hoofd wetenschappelijke en commerciële ontwikkeling van het Louis Bolk Instituut

Tientallen jaren vooruit

'Koolstof in de bodem vastleggen omvat veel meer dan vegetatie bovengronds of bomen planten. Dat duurt lang, want ze starten langzaam. De flux naar de bodem kan heel groot zijn. We hebben nog niet bewezen hoeveel je kunt vastleggen. Wel is mijn verwachting dat we daarmee tientallen jaren vooruit kunnen', stelt Koopmans.

Voor koolstofvastlegging is meer nodig dan 'gewoon telen'. Koopmans: 'Alleen wat je extra doet, telt.' Rekenen aan het potentieel is het vermenigvuldigen van die extra koolstof met het aantal hectares waarop de maatregelen mogelijk zijn. Hoe hoger het percentage waarop de maatregelen werkbaar zijn, hoe hoger de koolstofvastlegging.


Sociaaleconomische kant

'Er zit dus een belangrijke sociaaleconomische kant aan. Ziet de boer het zitten?', aldus Koopmans. 'Daarbij komt dat veel maatregelen een lange termijn vragen. Wij moeten over een periode van tien jaar toetsen in hoeverre de maatregelen in de tabel van Lesscher bijdragen.'

De onderzoekers vonden veel kennis over koolstofvastlegging in bestaand onderzoek. Aan de gewone bodemanalyses van een laboratorium als dat van Eurofins hebben ze te weinig. Van een paar maatregelen is meer bekend over de uitwerking op koolstof in de bodem.


Minimale grondbewerking

In de veehouderij blijkt volgens Koopmans het niet scheuren van grasland het belangrijkst. 'Niet-kerende grondbewerking blijkt niet bij te dragen. Bij mais na meerjarig grasland heeft een minimale grondbewerking wel effect, bijvoorbeeld door alleen stroken te frezen.'

Waar Koopmans veel van verwacht, zijn aanpassingen van gewasrotaties. 'Je moet dan denken aan extra graan in het bouwplan of de teelt van grasklaver of luzerne. Dat brengt substantieel meer koolstof in de bodem, helemaal als het in combinatie met groenbemesters gaat. Dat brengt veel meer biomassa in de grond dan bijvoorbeeld een gewas aardappelen doet.'


Minder inkomsten

Graan levert minder inkomsten. Voor een teler in de Veenkoloniën kan een bouwplan met extra graan en groenbemesters het saldo in een bouwplan wel licht verbeteren. Afhankelijk van de prijzen van zetmeelaardappelen en suikerbieten. Maar Koopmans stelt dat een teler in de polder zeker meer dan 1.000 euro per hectare gaat missen. 'Dan ontstaat minder ruimte voor hoogrenderende gewassen als pootgoed.' Hij ziet een ondersteunende rol voor de overheid, wil er voldoende stimulans zijn voor zulke strategische veranderingen.

Het vervangen van kunstmest door compost of drijfmest door vaste mest is positief. Dan komt de schaal waarop dit kan om de hoek. Dat is volgens de onderzoekers de factor die telt in de vermenigvuldiging van maatregeleffect maal percentage van de Nederlandse grond waar het mogelijk is. Er is immers geen oneindige extra hoeveelheid compost en er zijn ook bestaande meststromen en mestwetgeving.


De praktijk van koolstofvastlegging verschilt per regio

Het effect van maatregelen voor meer koolstofvastlegging verschilt per regio. Dat ligt aan het type bodem: zand, klei of löss. Daarnaast verschilt de landbouwpraktijk per regio. Langdurig grasland draagt bij aan koolstof in de bodem. In Friesland is het al gebruikelijk gras lang te laten staan, terwijl bedrijven op het zuidoostelijke zand het gewend zijn vaker grasland te scheuren voor mais of een andere teelt. De deelnemers van het programma Slim Landgebruik zoeken dan ook regiogerichte oplossingen. Chris Koopmans van het Louis Bolk Instituut: ‘Voor de akkerbouw kijken we naar vijftien bedrijven in de Veenkoloniën, West-Brabant, de polders en Zeeland. In 2021 breiden we uit met bedrijven op de noordelijke klei en in Zuidoost-Brabant.’ Koopmans zegt dat het koppelen van koolstofvastleggende maatregelen aan andere doelen veelbelovend is. Hij denkt aan het verbeteren van het watervasthoudend vermogen in de bodem of het versterken van het bodemleven. ‘Daar ben ik enthousiast over. We kunnen de meest relevante van de negentien bekende bodemkwaliteitsindicatoren aanwijzen.’ Voor koolstofvastlegging blijken er een paar indicatoren te zijn die logisch aansluiten bij de andere. Daar willen we met de netwerken die er zijn van leren. Denk aan het doorzaaien van mais en gras of de aanpassing van bouwplannen. Daarmee kunnen we met LNV bekijken hoe je vergoedingen kunt stapelen voor effectieve maatregelen. Betalingen van de overheid of carboncredits van bedrijven willen we als goede mix van overheid en privaat op het boerenbedrijf krijgen.’ Uitgangspunt koolstof in bodems verschilt per regio.?Beeld: Louis Bolk Instituut

© Louis Bolk Instituut


Weer

  • Vrijdag
    6° / -2°
    10 %
  • Zaterdag
    7° / -3°
    10 %
  • Zondag
    5° / -1°
    10 %
Meer weer