In+kleine+stapjes+naar+meer+eigen+eiwit
Achtergrond
© Pieter Stokkermans

In kleine stapjes naar meer eigen eiwit

Heel wat melkveehouders zijn bezig meer eiwit van eigen land te halen. Of een eiwitbenutting van 65 procent, zoals de Commissie Grondgebondenheid aanbeveelt, wordt gehaald in 2025, is afhankelijk van de ondernemer, de bedrijfssituatie en de regio. Uit een rondgang blijkt dat er op veel plaatsen wel stappen worden gemaakt, ook al zijn ze soms klein.

Overal worden initiatieven ontplooid om melkveehouders te helpen meer eiwit van eigen land te halen. In studieclubs en masterclasses was het onderwerp een hot item. Melkveehouder Frank Deterd Oude Weme uit het Overijsselse Heemserveen deed er aan meerdere mee. Zijn eiwitbenutting lag vorig jaar op zo'n 42 procent.

'We zijn een heel intensief bedrijf, met 190 melkkoeien en 100 stuks jongvee op 70 hectare grond. 65 procent eiwit van eigen land halen wordt wel een uitdaging', zegt de melkveehouder. 'Maar het advies ligt er en de Kringloopwijzer wordt een nieuw stuurelement, dus je moet er wel wat mee.'

Derogatie laten vallen

De melkveehouder besloot de derogatie vanaf 2011 te laten vallen en meer mais te telen om droge stof van een hectare te halen. Een stukje eiwitaanvulling wordt aangekocht. 'In een goed jaar halen we 19 tot 20 ton droge stof mais van een hectare. Met gras houdt het bij een ton of 12 op', legt hij uit.

We hebben een prachtig eiwitgewas in handen. Dat heet gras

Alidus Hidding, voedingsspecialist van VIB Consulting

'Nu zijn we teruggegaan van 25 hectare gras en de rest mais, naar half om half. Dit jaar zaaien we een vroeg maisras en proberen we daar Italiaans raaigras achteraan te telen voor wat extra eiwit. Ook zijn we vorig jaar de koeien weer gaan weiden. Heel wat uitdagingen dus.' Ruwvoerspecialist Piet Riemersma van Van Iperen herkent dit. 'Je kunt wel zeggen tegen veehouders dat ze meer eiwit van eigen land moeten halen, maar hoe dan?'

In Riemersma's masterclasses zaten soms boeren die dachten dat ze het met 180 tot 200 gram ruw eiwitgehalte per kilo in de graskuil goed deden. 'Maar met mais in het rantsoen moesten ze er alsnog 2 kilo soja bij kopen, omdat het onbestendig eiwit was terwijl het bestendig eiwit moet zijn.'

Hele proces onder de loep

Hoe kun je door management voldoende en bestendig eiwit in je graskuil krijgen? 'Daar zijn we op ingegaan. Dan moet je het hele proces onder de loep nemen, van maaien tot de kuil aanrijden.'


Alles moet volgens Riemersma kloppen voor een optimaal resultaat. 'Er zijn vaak nog behoorlijke verbeteringen te behalen.' Hij probeert boeren aan het denken te zetten. 'Hoe kan het beter? Gras kun je echt managen, zodat je beter ruwvoer krijgt.' In andere eiwitrijke teelten, zoals erwten, ziet Riemersma geen directe oplossing. 'Zolang je de teelt van gras en mais nog niet optimaal hebt, moet je eerst daar je pijlen op richten.'

Voedingsspecialist Alidus Hidding van VIB Consulting hamerde in zijn masterclasses vooral op efficiëntie en bodembenutting. 'De bodem is zo belangrijk. Welke processen spelen daar, welke mineralen zitten erin, hoe kun je stikstof vasthouden, wat is de structuur? Je ziet dat bedrijven die de bodem op orde hebben meer produceren.'

'Enorme verschillen per melkveebedrijf'

De verschillen per melkveebedrijf zijn enorm, weet Hidding. 'Dat zit 'm vooral in de grondsoort. De kunst is om binnen de mogelijkheden die je hebt zoveel mogelijk resultaat te halen. Hoe gezonder de bodem, hoe beter de benutting. Tijdens de masterclasses waren er wat boeren afwachtend, maar uiteindelijk werden ze allemaal enthousiast. 'Het kan simpel en hoeft niet te veel te kosten.'

Sommige ondernemers kunnen winst behalen door meer te focussen op drijfmest.
Sommige ondernemers kunnen winst behalen door meer te focussen op drijfmest. © Twan Wiermans

Volgens Hidding zien de meeste veehouders niets in het telen van een speciaal eiwitgewas. 'Vaak is dat nog bewerkelijk en duur. Dan is een kilootje soja aankopen goedkoper', stelt hij.

'En we hebben al een prachtig eiwitgewas in handen: gras. Als je voldoende kwalitatief ruwvoer hebt, kun je er ook voor kiezen om geen snijmais aan de kuil te zetten, maar er ccm of mks van te maken. De eiwitbenutting schiet dan omhoog, het is puur krachtvoer.'

Focus op kwaliteit gras

Dat doet melkveehouder Harry Doornenbal uit Appelscha ook als hij genoeg ruwvoer heeft. Met 235 koeien op 140 hectare land is de 65 procentnorm niet echt een probleem voor hem. Hij voert al jaren geen soja meer en focust vooral op de graskwaliteit. 'Daar zit ik bovenop. Ik maai om de vier weken, rijd de kuil – zonder toevoegingen – goed aan en houd genoeg voersnelheid.'

Doornenbal is niet bang om de hoeveelheid krachtvoer naar beneden bij te stellen. 'We zitten nu op 18,3 kilo krachtvoer per 100 kilo melk. Al is het in de droge jaren natuurlijk wel wat moeilijker.' Na de cursus besloot hij minder stikstof te strooien. 'Want ik heb nu een te hoog ruweiwitgehalte in de kuil die ik niet optimaal kan benutten.'

Gevolgen voor diervoederindustrie

Ook voor de diervoederindustrie heeft het meer eiwit van eigen land halen gevolgen. Directeur Henk Flipsen van Nevedi ziet de markt daarop voortborduren. 'Het betekent in elk geval een verschuiving in het rantsoen.'

Flipsen plaatst ook een kanttekening. 'Het is een transitie over jaren. We moeten niet de illusie hebben dat we de komende twintig jaar kunnen zonder de import van sojaeiwit. Dat is nu gewoon nog nodig om volwaardige rantsoenen voor landbouwdieren te maken. Als er over 25 jaar uitstekende eiwitteelten zijn in Europa, is dat prima. Maar zover is het nu nog niet.'

'Als iedereen 5 procent verbetert, zijn we op weg'
De Nederlandse melkveehouderij is altijd een grondgebonden sector geweest. Een goede verhouding tussen grond en dier is van groot belang. De zuivelsector kiest voor een grondgebonden melkveehouderij en weidegang voor koeien. De Commissie Grondgebondenheid adviseerde in 2018 dat melkveehouders, die aan de definitie grondgebondenheid willen voldoen in 2025, 65 procent van de eiwitbehoefte van eigen land moeten halen. Om hen hiermee te helpen, is het project 'Masterclasses Eiwit van eigen land' uitgevoerd. In opdracht van de Duurzame Zuivelketen, gefinancierd door ZuivelNL. In 66 bijeenkomsten kregen bijna 700 melkveehouders handvatten om de eiwitkringloop op hun bedrijf te optimaliseren. Projectleider Rik Vlemmix geeft aan dat actie nodig is, ondanks dat het landelijk gemiddelde van eiwitbenutting in het adviesrapport op 61 procent stond. 'Door de droogte de afgelopen zomers daalde dit gemiddelde. Er zijn ook melkveehouders die op 40 procent zitten. Hoe komen zij hogerop? Dat hoeft niet meteen 65 procent te zijn, dat is niet haalbaar en motiveert niet. Een verbetering met stappen van 5 procent lukt misschien wel. Als iedereen dat doet, zetten we stapjes in de goede richting. Optimaliseren is niet alleen goed voor de eiwitkringloop, ook voor de portemonnee.' In de masterclasses kwam onder meer aan de orde hoe je de gras- en maisteelt kan optimaliseren en meer eiwit kunt telen, maar ook hoe je dat optimaal kunt benutten. Ondernemers gebruikten daarbij de eigen cijfers uit de Kringloopwijzer, zodat de tips en tricks meteen toepasbaar zijn. 'Het is nog te kort dag voor resultaten. Maar als boeren hiermee aan de slag gaan, verwacht ik die over vijf jaar zeker', aldus Vlemminx.

Bekijk meer over:

Weer

  • Donderdag
    17° / 12°
    70 %
  • Vrijdag
    21° / 12°
    20 %
  • Zaterdag
    23° / 12°
    20 %
Meer weer