Meer+organische+stof+betekent+meer+vocht
Achtergrond
© William Hoogteyling

Meer organische stof betekent meer vocht

Een procent meer organische stof in schrale zandgrond helpt een gewas aan een dag extra vocht. Voor het direct waterleverend vermogen is organische stof dus nuttig, maar geen wondermiddel, zeggen onderzoekers.

Onderzoeker Henk Wösten van Wageningen University & Research (WUR) is medeauteur van een document over de rol van organische stof in de waterhuishouding op landbouwgrond. Dit rapport van waterschapskennisorganisatie Stowa verscheen in februari.

Volgens Wösten was het de bedoeling om in dit Deltafact-rapport feiten en fictie te scheiden. De maatschappij wil dat boeren organische stof vastleggen als CO2-opslag. In dit rapport zetten de onderzoekers bestaande kennis op een rij over watervasthoudend vermogen van organische stof in de bodem. 'Na de droogte van vorig jaar wilden we ook beschrijven of er wat te sturen valt met organische stof.'

Drempelwaarde

De schrijvers van het rapport concluderen dat organische stof belangrijk is, maar geen wondermiddel voor langdurige vochtleverantie. 'We adviseren wel om, zeker op schrale zandgronden, het percentage organische stof op peil te houden. Zorg dat het niet beneden de 1,5 tot 2 procent zakt. Die drempelwaarde geldt vooral op de oostelijke en zuidelijke zandgronden. Op zavel en klei is het minder belangrijk', zegt Wösten.

Verhoging van 2 naar 3 werkt sterker dan van 7 naar 8 procent

Marjoleine Hanegraaf, onderzoeker Wageningen University & Research

Minister Carola Schouten (LNV) zegt in haar vorig jaar uitgebrachte rapport over kringlooplandbouw dat organische stof bodems beter bestand maakt tegen droogte en dat die bodems beter vocht kunnen opnemen. Zo'n bodem houdt meer mineralen vast en kent een rijker bodemleven. Wat betreft water vasthouden is het effect dus beperkt. Wösten en zijn collega's leggen dat uit aan de hand van het model voor de beschikbaarheid van water.

Rekenen

Na een hevige bui kan de grond verzadigd zijn van water. Het water zakt weg tot de bodem op veldcapaciteit is. Dat is de maximale hoeveelheid water die de grond stabiel vasthoudt. De drukhoogte die daarbij hoort, is een pF van 2. Planten kunnen water onttrekken aan de bodem tot de drukhoogte toeneemt tot een pF van 4,2.

Het water dat de bodem kan leveren, is het verschil in hoeveelheid bij pF 2 en pF 4,2. Bevat de grond meer organische stof, dan wordt die hoeveelheid wat meer. Op schrale zandgrond komt een procent meer organische stof in de bovenste 20 centimeter neer op 3 of 4 millimeter water, wat een gewas in een dag kan verdampen.

Sponswerking

Volgens WUR-onderzoeker Marjoleine Hanegraaf is de kennis over de sponswerking van organische stof beperkt. 'We kunnen dat wel meten in het lab, maar het is geen standaardmeting bij een bodemmonster. We meten alleen een gehalte', zegt zij.

'In organische stof zijn uiteinden aanwezig die water vasthouden, hydrofiel zijn, en die water afstoten, hydrofoob. Die eerste soort willen we hebben in dit geval. Vooral in het eerste traject vanaf lage percentages organische stof heeft verhoging ervan zin voor de waterbinding. Verhoging van 2 naar 3 procent heeft veel meer effect dan van 7 tot 8 procent. Bij veengronden maakt de verhoging van 18 naar 19 procent echt niet meer uit.'

Oogst

Het liefst beoordeelt Hanegraaf het hele profiel op watervasthoudend vermogen. Als gewassen in staat zijn goed mee te groeien met het zakkende vocht in de bodem gedurende de zomer, is de oogst zekerder gesteld.

Hoe makkelijk de grond doorwortelbaar is, hangt ook samen met organische stof. Op zand kan dit samen met het bodemleven zorgen voor aggregaatvorming, het samenkitten van kleine bodemdeeltjes. Wormen leven ook graag in rijkere organische bodems en bevorderen met hun gedrag de bewortelbaarheid en het wateropnemend en watervasthoudend vermogen.

Totaaleffect

Indirect draagt organische stof zo bij aan de bodemkwaliteit en daarmee de opbrengst van gewassen. Onderzoeker Janjo de Haan kwantificeerde dit effect voor de zuidoostelijke zandgronden. Investeren in organische stof kan voor de opbrengst uit, zegt De Haan. Daarbij kijkt hij naar het totaaleffect op de gewasproductie.

Wat de waterleverantie daaraan bijdraagt, is niet apart te becijferen. 'Dat het positief is, is duidelijk. De beregeningsbehoefte is lager. Het geeft dus een hogere opbrengst of zorgt ervoor dat je een droge periode kunt overbruggen.'

Dichtzwellen

Klei kan dichtzwellen door een stevige bui. Volgens Hanegraaf is organische stof structuurverbeterend. Wösten zegt dat niet verslempen en beter doorwortelen op deze gronden daarom een belangrijk neveneffect van organische stof zijn. 'Het maakt voor de teelt nogal uit of je 20 of 30 centimeter van de bouwvoor kunt doorwortelen.'

Geleidelijk verhogen organische stof heeft voorkeur
Een bouwvoor rijker aan organische stof maken kan volgens het Deltafact-rapport van Stowa het beste geleidelijk. Om 1 procent organische stof toe te voegen aan de bouwvoor van 20 tot 25 centimeter in één jaar, is volgens het rapport 'de aanzienlijke hoeveelheid' van 1.500 kilo vers organisch materiaal nodig. Het rapport noemt drie methodes van organische stofopbouw: gewas- en wortelresten, aanvoer van organische mest en compost en vermindering van afbraak door verstoring van de grond te voorkomen. Inzet van gft of compost brengt een kostenpost van 150 en 500 euro op jaarbasis met zich mee, becijferde het Louis Bolk Instituut. De kosten van een groenbemester bedragen volgens Kennisakker 130 tot 276 euro per jaar. Daar waar de meeropbrengst de meerkosten voor de boer niet compenseert, kunnen overheden als provincie en waterschap met een financiële regeling organischestofaanvoer stimuleren, stellen de onderzoekers.

Bekijk meer over:

Weer

  • Maandag
    18° / 12°
    20 %
  • Dinsdag
    15° / 10°
    70 %
  • Woensdag
    15° / 6°
    30 %
Meer weer