Eens+in+de+vijf+jaar+aardappelen
Ingezonden
© Koos van der Spek

Eens in de vijf jaar aardappelen

Als de agrarische sector echt een duurzaamheidsslag wil maken, dan is een ruimere vruchtwisseling van een op vijf in plaats van een op drie een goede stap. Maar de overheid moet dat verplichten voor de hele sector. Dat betoogt Jaap Frederiks uit Voorst.

De voedselproductie moet duurzamer, ook in de akkerbouw. Diversiteit in teelt leidt tot een reductie in gebruik van bestrijdingsmiddelen, zo stelt Jaap Frederiks. Daar ligt ook een rol voor de minister van Landbouw.

We moeten ons voedsel duurzamer produceren. Met minder chemie, meer biodiversiteit en – als het even kan – voor dezelfde prijs. Als de kranten en televisie die boodschap niet verkondigen, horen we het wel via sociale media, een documentaire op Netflix of in de lokale supermarkt.

Duurzaamheid

Duurzaamheid is de nieuwe norm en als boeren kunnen en willen we daar niet omheen, maar we hebben nog sterk uiteenlopende visies over welke weg naar duurzaamheid moet leiden.

Een ruimere teelt biedt ruimte voor rustgewassen die het bodemleven in staat stellen om de bodemweerbaarheid te verhogen

Jaap Frederiks, akkerbouwer in Voorst

Als aardappelteler heb ik al jaren te maken met een markt die vrijwel altijd onder druk staat door een Europees productieoverschot. Zo'n productieoverschot leidt niet alleen tot lage prijzen en financiële problemen voor boeren, maar ook tot verkwisting; we gebruiken kostbaar irrigatiewater, kunstmest en bestrijdingsmiddelen voor overproductie.

De aardappelteelt is dan ook toe aan een nieuwe aanpak. Een aanpak waarbij minder invoer van middelen daadwerkelijk meer gaat opbrengen.

Een op drie

Sinds jaar en dag zijn aardappeltelers gewend aan een vruchtwisseling van een op drie. Dat houdt in dat een stuk grond na een jaar aardappelteelt, twee jaar wordt bebouwd met een ander gewas, om zo bodemziektes en bodemverarming te voorkomen.

Die wisseling zoekt de bovengrens van productie op en heeft ons lange tijd veel opbrengst gebracht. Maar het heeft naast overproductie ook geleid tot bodemverarming. Dat kan niet meer verdedigd worden in het kader van duurzaamheid.

Vruchtwisseling

Als we duurzaamheid serieus nemen, schakelen we over op een vruchtwisseling die de bodem verrijkt. Een ruimere teelt van bijvoorbeeld een op vijf biedt ruimte voor rustgewassen die het bodemleven in staat stellen om de weerbaarheid van de bodem – en uiteindelijk onze gewassen – te verhogen.

Zo'n verhoogde weerbaarheid leidt niet alleen tot een reductie van het verbruik van bestrijdingsmiddelen, maar ook tot een veerkrachtiger ecosysteem dat om kan gaan met klimaatverandering en de daarbij horende weersextremen. En niet onbelangrijk voor de boeren: er staat minder druk op de markt.

Collectieve inzet

Deze route naar duurzaamheid is makkelijk uitgestippeld. Het concept is simpel, technisch haalbaar en wordt maatschappelijk gedragen. Die route moet alleen wel collectief worden bewandeld. Duurzaamheid biedt in dit geval geen ruimte voor 'free riding'.

De sector heeft dus verplichting en handhaving nodig. Geen van beide zijn ons vreemd in de landbouw, maar zelden kregen we dat voor een fundamentele verandering. Wellicht dat we die stap nu wel kunnen zetten.
Tijd voor de Europese Commissie en het ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit om op te staan voor duurzame teelt.

Dit opiniestuk verscheen eerder in het AD

Bekijk meer over:

Weer

  • Woensdag
    17° / 10°
    10 %
  • Donderdag
    21° / 7°
    10 %
  • Vrijdag
    20° / 9°
    30 %
Meer weer