Inkomen+boeren+en+tuinders+duikelt+in+2018+naar+beneden
Nieuws
© Twan Wiermans

Inkomen boeren en tuinders duikelt in 2018 naar beneden

Het oogstjaar 2018 gaat veel boeren en tuinders magere resultaten opleveren. Het gemiddelde inkomen over alle sectoren keldert van 72.000 euro in 2017 naar 42.000 euro dit jaar.

Dat blijkt uit de inkomensprognose die Wageningen Economic Research (WER) woensdag bekend heeft gemaakt. De landbouweconomen maakten een raming van het inkomen uit bedrijf per onbetaalde arbeidsjaareenheid (aje), dat is het inkomen per meewerkend gezinslid.

Vorig jaar was een historisch topjaar wat betreft het inkomen, maar de daling met 30.000 euro komt op veel bedrijven toch hard aan. Het inkomen ligt 9.000 euro onder het meerjarig gemiddelde van 51.000 euro over de periode 2013-2017. Vrijwel alle deelsectoren moeten inleveren, alleen de boomkwekerijsector mag rekenen op een inkomensstijging.

Hardste klap bij de zeugen

De hardste klappen vallen op zeugenbedrijven. De prijs voor biggen ligt 30 procent lager dan in 2017, het inkomen op zeugenbedrijven keldert hierdoor naar gemiddeld 86.000 euro negatief. Vleesvarkenshouders zien de prijzen dalen met 12 procent, door groter aanbod in de EU en moeilijker export naar China. De lagere prijs voor biggen dempt de effecten daarvan wel enigszins. Het inkomen van de vleesvarkenshouders daalt met ongeveer 45.000 euro en wordt geraamd op 26.000 euro.

Het gemiddelde inkomen van melkveehouders halveert van 64.000 naar 30.000 euro. De oorzaak ligt vooral in ruim 20.000 euro extra kosten voor aangekocht veevoer als gevolg van de droogte. Bovendien daalt de melkprijs met 5,5 procent. Vooral op de zandgronden veroorzaakt de droge zomer veel extra kosten. Het inkomen van biologische melkveebedrijven daalt met 25.000 euro tot gemiddeld 20.000 euro. Het inkomen op melkgeitenbedrijven wordt bijna 50 procent lager geraamd op gemiddeld 40.000 euro door een lagere melkprijs en hogere voerkosten vanwege de droogte.

Eieren goedkoper, voer duurder

De inkomens van leghennenhouders dalen in 2018 met gemiddeld 37.000 euro naar 93.000 euro. Dit is vooral het gevolg van lagere eierprijzen in het tweede halfjaar door herstel van de productie na de fipronilaffaire in 2017. Dit jaar zijn ook de kosten gestegen door hogere voerprijzen. Het inkomen van vleeskuikenhouders stabiliseert op 112.000 euro. De kosten per bedrijf stijgen door duurder voer, hogere energieprijzen en mestafzetkosten. Dit wordt gecompenseerd door een prijsstijging van vleeskuikens met 4 procent.

Voor akkerbouwbedrijven wordt een gemiddeld inkomen per onbetaalde aje geraamd van bijna 40.000 euro, gelijk aan vorig jaar. Door de droge zomer is de productie per hectare van de meeste gewassen sterk gedaald, granen uitgezonderd. De lage productie zorgt echter voor hoge prijzen van uien (+110 procent) en consumptieaardappelen (+50 procent) op de vrije markt. De prijs van suikerbieten (-20 procent) blijft achter ten opzichte van vorig jaar door toename van de wereldvoorraad suiker.

Grote verschillen in de akkerbouw

De warme droge zomer zorgt in de akkerbouw voor grote verschillen. In het zuidwestelijk kleigebied kon veelal niet beregend worden. Hier zal naar verwachting nauwelijks een gemiddeld positief inkomen worden gerealiseerd. In het noordelijk en centraal kleigebied, waar meer zoetwater beschikbaar was, zal het inkomen verbeteren naar gemiddeld 80.000 euro. Als gevolg van de lage hectareopbrengst van zetmeelaardappelen en bieten in combinatie met een lage suikerprijs daalt het inkomen op de zetmeelaardappelbedrijven in de Veenkoloniën met twee derde naar 20.000 euro.

Op glastuinbouwbedrijven daalt het gemiddelde inkomen zowel in de sierteelt- als de glasgroentebedrijven doordat de kosten sterker stijgen dan de opbrengsten. Desondanks blijft het inkomensniveau met gemiddeld ongeveer 160.000 euro op een voor de land- en tuinbouw hoog niveau. Een belangrijke uitzondering zijn de telers van komkommers, doordat hoge komkommerprijzen dit jaar de stijgende kosten meer dan goedmaken.

Meer vraag naar boomteeltproducten

Boomkwekerijbedrijven realiseren als enige bedrijfstype een stijging van het inkomen. Dat gaat naar verwachting met 12.000 euro omhoog tot 76.000 euro dankzij een voortgezet herstel van de vraag naar boomkwekerijproducten. Dat leidt tot hogere prijzen. Op de vollegrondsgroentebedrijven wordt een lichte inkomensdaling verwacht. De lagere opbrengsten door de droogte worden onvoldoende goed gemaakt door hogere prijzen.

Fruittelers realiseren hoge kilo-opbrengsten. Een groot aanbod in Europa zet de verwachte afzetprijzen echter onder druk, waardoor in deze sector een forse inkomensdaling wordt verwacht na het topjaar 2017. In de bloembollenteelt dalen de inkomens met 35.000 euro tot 71.000 euro als gevolg van lagere kilo-opbrengsten en lagere prijzen bij lelie. Bij tulp is de prijsvorming juist goed.

Bekijk meer over:

Weer

  • Vrijdag
    25° / 11°
    10 %
  • Zaterdag
    31° / 13°
    10 %
  • Zondag
    27° / 19°
    10 %
Meer weer