Ondernemers zetten tegenslag om in een kans
Op Five Star Farm in ’t Zeeuwse Kamperland bouwen Jan en Ella Pijnenburg aan een nieuw bestaan nadat ze hun Brabantse boerderij moeten verlaten. Hun verhaal toont hoe boeren zich aanpassen: van het Brabants zand naar de Zeeuwse klei.
‘Ik zeg altijd: wij zijn vrijwillig verplicht vertrokken’, vertelt Jan Pijnenburg over de verkoop van de ouderlijke boerderij bij de Loonse en Drunense Duinen in Noord-Brabant. Eind jaren tachtig, net van school en vol plannen om met zijn vrouw Ella het bedrijf van zijn ouders over te nemen en te intensiveren, krijgt hij de vraag voor medewerking aan uitbreiding van de natuur in het dan nog toekomstig Nationaal Park.
Terwijl het echtpaar ondertussen bouwt aan een nieuwe bedrijfswoning, worden de plannen voor het Nationaal Park in oprichting bekend, en zakken de grondprijzen flink. Veel boeren in de omgeving zetten hun grond te koop. ‘In die tijd waren er geen uitkoopregelingen voor stallen en er werd ook geen nieuwe ruilgrond aangeboden’, zegt Pijnenburg. Het jonge stel kiest voor een eigen weg: zelf op zoek naar een nieuwe plek.
Het echtpaar zoekt met een open blik naar een nieuwe bestemming. Ze bezoeken zelfs Frankrijk. ‘Als je 5 kilometer van je eigen woonplaats woont, ben je al een vreemde, dus eigenlijk maakt de afstand niet uit’, legt Ella Pijnenburg uit. Op aanraden van een vriend belanden ze uiteindelijk in Zeeland en nemen ze twee akkerbouwbedrijven over van stoppende boeren in Noord-Beveland, samen met de broer van Jan Pijnenburg.
Stal op de vrachtwagen
In 1992 verhuizen Jan en Ella Pijnenburg, al moet er nog veel werk worden verzet. De nieuwe stal uit Noord-Brabant moeten ze zelf slopen en nemen ze mee: ‘Delen van de stal hebben we op een vrachtwagen gezet en hier opnieuw opgebouwd. We zijn zeker drie tot vier keer met de MB-trekker met machines en spullen op en neer gereden; ruim vier uur rijden enkele reis.’
Het melkquotum wordt verkocht, en Jan Pijnenburg start met het verbouwen van suikerbieten, graan en aardappelen en vleesvee op kleine schaal. De overgang van veehouderij naar akkerbouw blijkt hard werken, en niet direct een financiële vetpot. Het echtpaar werkt ernaast, in de luzernedrogerij in de buurt, in de bouw of bij de dorpswinkel.
Niet alleen de dagelijkse werkpraktijk verandert voor het stel, maar de verhuizing naar een andere provincie betekent ook een aanpassing aan cultuur en natuur. De constante zeelucht, werken op trekkers, de rol van vrouwen in de gemeenschap: alles is wennen. ‘Zand glipt tussen je vingers; probeer maar eens klei van je handen af te krijgen’, geeft Pijnenburg aan. Zijn vrouw vertelt over het dragen van rokken, en dat alle leveranciers altijd naar ‘de baas’ vroegen. ‘Kleine dingen, zoals achterom binnenlopen, dat gebeurt hier niet. Hier belt iedereen aan.’
Zand glipt tussen je vingers; probeer maar eens klei van je handen af te krijgen
Met de tijd komt de gewenning, en vinden de Pijnenburgs hun draai in de Zeeuwse gemeenschap. Dat doen ze door te investeren in anderen: Jan sluit zich aan bij plaatselijke besturen en organisaties – van VeKaBo, LTO Nederland tot Stichting Akkerleven en Poldernatuur Zeeland – en Ella Pijnenburg werkt in het dorp. Zo worden ze uiteindelijk ‘Zeeuwse Brabanders’. Ook komt het echtpaar via-via in contact met iemand die nog een plek zoekt om caravans te plaatsen: zou een camping wat voor hen zijn?
De twee ondernemers doen onderzoek in de omgeving: hoe doen andere boeren dat? Van het een komt het ander, en in 1994 starten ze met een kleinschalige camping: van vijf kleine plekken naar een heuse ‘glamping’ met negentien tenten vandaag de dag. Het vergunningsproces heeft wel behoorlijk wat tijd en investeringen gekost: zaken als sanitair zijn aanvankelijk nog niet aanwezig. Toch is de camping meteen een succes: ‘Nooit een probleem geweest om aan gasten te komen’, vertelt Jan Pijnenburg.
Fietstochten en pannenkoeken
Zoals altijd zet het stel samen door. Alleen komt de uitvoering later dan gepland. In 2008 starten ze met de indoor speelplaats, en vanuit daar ontwikkelen zich nieuwe activiteiten: kinderfeestjes, speurtochten, boereneducatie, vergaderplekken. Ondertussen zijn er nog enkele dieren op het bedrijf – buffels, paarden en pony’s – maar draait het boerenerf inmiddels vooral om spelen, slapen en beleven.
Jan en Ella Pijnenburg staan er niet alleen voor. Op Noord-Beveland heeft zich een hechte groep minicampinghouders gevormd. ‘We hebben hier best een leuke minicampinggroep als boeren onder elkaar en daaronder ook best wel wat kartrekkers’, vertelt Jan Pijnenburg. Die groep overlegt collectief met de gemeente. Voorbeelden zijn gezamenlijke fietstochten door het gebied, of een ‘pannenkoekenstraatje’ waar zo’n duizend pannenkoeken zijn gebakken.
Terugkijkend zien de twee dat hun bedrijf is ontstaan uit een samenloop van omstandigheden: mogelijkheden van de grond, het gebied en wat toevallig voorbijkomt leiden tot een veelzijdig boerenbedrijf.
'Nee, nee, nee', zegt de gemeente keer op keer
Bij het echtpaar Jan en Ella Pijnenburg ontstaat begin 2000 een nieuw idee. In de winter zijn alle gasten weg en is het aanpoten om financieel gezond te blijven. Tijdens het werk in de winkel hoort Ella Pijnenburg vaak dezelfde vraag: wat kun je doen op Noord-Beveland met kinderen wanneer het slecht weer is? ‘Op regenachtige dagen moet je het eiland af om iets binnen te doen’, vertelt ze. Ze bezoeken speelboerderijen voor inspiratie en willen van start met het verbouwen van de oude schuur tot speelparadijs.
De plannen liggen klaar, de aannemer staat in de startblokken, maar dan neemt het leven een onverwachte wending. De broer van Jan Pijnenburg wil uit het bedrijf stappen en stoppen met boeren. ‘Zo kun je van tevoren dingen bedenken, maar heb je geen invloed op wat er in je privéleven gebeurt. Als er ziekte langskomt, of bijvoorbeeld toen Ella hoogzwanger in het ziekenhuis belandde, dan sta je er ineens alleen voor.’
Daarbovenop werkt het overheidssysteem ook niet altijd mee. Na een lange voorbereiding leveren ze de vergunningaanvraag in bij de gemeente. Hierop ontvangen ze een dik pak papier met de nodige bezwaren en opmerkingen: er is sprake van archeologisch waardevolle plekken, de weg is niet geschikt, er is geen parkeerplaats, de schuur heeft een agrarische bestemming. ‘Nee, nee, nee, nee, nee,’ somt Jan Pijnenburg op.
Op papier blijkt niets mogelijk. Maar ze hebben een troef: via Stichting Akkerleven laten ze een landschapsplan maken met beplanting en waterberging. Dat is voor de gemeente reden om mee te denken met het stel. Uiteindelijk helpt het landschapsplan hen over de brug.
Bekijk meer over:
Lees ook
Marktprijzen
Meer marktprijzen
Laatste nieuws
Nieuwste video's
Kennispartners
Meest gelezen
Nieuw op MechanisatieMarkt.nl
-

JOHN DEERE X380 ZITMAAIER INCL 48A MAAIDEK (LIE) #692279
Gebruikt, P.O.A.
-

Kuhn GF13003 T cirkelschudder
Gebruikt, P.O.A.
-

Claas trommelmaaier
Gebruikt, P.O.A.
-

Kongskilde Vibroflex cultivator (ZIJ) #757380
Gebruikt, P.O.A.
Vacatures
Verkoper Binnendienst Glastuinbouw
KaRo BV - Zwaagdijk, Noord-Holland,
Projectmedewerker BoerenNetwerk – Natuurinclusieve Landbouw
Wij.land - Abcoude
Teamleider instroom kwekerij
IBN - Schaijk
Weer
-
Vrijdag20° / 19°80 %
-
Zaterdag21° / 14°30 %
-
Zondag23° / 10°0 %
















