Nationale PRRS-aanpak gaat in februari van start

Het nationale plan om in 2040 vrij te zijn van Porcine Reproductive and Respiratory Disease (PRRS) gaat in februari 2026 van start. Volgens de Producentenorganisatie Varkenshouderij (POV) is het een belangrijke stap in de route naar een gezondere en toekomstbestendige varkenshouderij.

Het nationale plan om in 2040 vrij te zijn van Porcine Reproductive and Respiratory Disease (PRRS) gaat in februari 2026 van start.
© Twan Wiermans

Met de sectorale aanpak voor het uitroeien van PRRS kunnen volgens de POV ook de ambities van de Coalitie Vitale Varkenshouderij worden gerealiseerd. 'Door stapsgewijs toe te werken naar een PRRS-vrije varkenshouderij geven we direct invulling aan de ambities om tot een structureel hogere diergezondheid te komen en de inzet van antibiotica zo laag mogelijk te houden', legt beleidsmedewerker Floortje Herder van de POV uit.

Daarnaast heeft een hogere diergezondheid niet alleen effect op de CO2-voetafdruk van varkensvlees, maar ook op het dierenwelzijn, het werkplezier en -gemak en uiteindelijk het bedrijfsresultaat op varkensbedrijven. 'We mogen dus niet achteroverleunen; PRRS-vrij worden is nodig om onze exportpositie te behouden', benadrukt Herder.


Secundaire infecties

PRRS kost de sector jaarlijks zo'n 50 tot 150 miljoen euro. Het virus veroorzaakt vruchtbaarheidsproblemen bij zeugen en ernstige luchtweginfecties bij biggen. Bovendien verzwakt PRRS de afweer van de dieren. Dit leidt tot meer secundaire infecties, zoals Mycoplasma en Actinobacillus pleuropneumoniae (APP), waardoor het antibioticagebruik op een bedrijf toeneemt.

Herder: 'PRRS-vrij worden heeft aantoonbaar positieve effecten op de diergezondheid, het dierenwelzijn, de productieresultaten en de economische resultaten van bedrijven. Varkenshouders weten dat en geven al geruime tijd aan dat de sector hiermee aan de slag wil.'

Nu het ketenkwaliteitssysteem Holland Varken Quality operationeel is, kunnen daarin logischerwijs criteria worden opgenomen om PRRS-vrij te worden. Na een overgangstermijn zal hier in de loop van komend jaar ook daadwerkelijk op worden gehandhaafd.


Ervaringen met elimineren van PRRS in Verenigde Staten

PRRS zorgt al jaren voor problemen in de Verenigde Staten. De ervaring leert dat het elimineren van dit virus vraagt om een strikt management, ondersteund door vaccinatie. Dat management moet gericht zijn op het voorkomen van insleep op het bedrijf en op het tegengaan van versleep binnen het bedrijf. Een regionale aanpak vergroot de kans op succes. Deze werkwijze staat in de Verenigde Staten bekend als 'Area Regional Control'. In Nederland vond dat navolging in het project Noaberbig van De Oosthof Dierenartsen. In de Verenigde Staten waren gemiddeld 26 weken nodig om het PRRS-virus uit de biggen te elimineren.

Een varkenshouder moet vanaf februari 2026 voor elke UBN (Uniek Bedrijfsnummer) beschikken over een bedrijfsspecifiek plan van aanpak. Dit plan wordt samen met de dierenarts opgesteld en jaarlijks geëvalueerd en geactualiseerd.

De statusbepaling en monitoring starten eveneens in februari. Drie keer per jaar vindt bloedonderzoek plaats om vast te stellen in welke mate het PRRS-virus op een bedrijf voorkomt. Welke en hoeveel dieren worden bemonsterd, hangt onder meer af van de VVL (Varkens Levering Registratie)-status. Vanaf 2027 krijgt elk UBN een PRRS-status: basis, brons, zilver of goud.


Biosecuritycheck

Vanaf de zomer wordt een biosecuritycheck ingevuld, waarmee op een gestructureerde manier verbeterpunten voor interne en externe hygiëne in beeld komen. Deze check wordt bij voorkeur samen met de dierenarts en/of een andere adviseur ingevuld en jaarlijks geactualiseerd. De uitkomsten zijn input voor het bedrijfsspecifieke plan van aanpak.

Doordat alle varkenshouders in Nederland dezelfde biosecuritycheck gaan gebruiken, zijn de resultaten goed uniform interpreteerbaar en geschikt om te benchmarken. Zo krijgt de ondernemer beter inzicht in de sterke en minder sterke punten van het bedrijf en kan hij of zij gerichter maatregelen nemen.

'Door de biosecuritycheck ieder jaar te actualiseren en waar nodig aanpassingen te doen, houden we voldoende voortgang in de ambitie om PRRS beter te beheersen', benadrukt Herder. 'Als gunstige bijvangst krijgen ook andere ziekteverwekkers minder kans.'


Het is volgens de beleidsmedewerker van de POV wel een flinke uitdaging om in 2040 PRRS-vrij te zijn. Een bedrijfsspecifiek plan van aanpak, een biosecuritycheck en monitoring en statusbepaling zijn volgens haar minimaal nodig om een infectieziekte als PRRS effectief te bestrijden. 'In de loop van 2026 communiceren we nader over wat de vervolgstappen zijn.'


Voorloperstraject

In 2022 is al een voorloperstraject gestart met 49 bedrijven, waarvan 44 het hele traject doorliepen, en 7 dierenartsenpraktijken. Zij gingen aan de slag met een vergelijkbaar bedrijfsspecifiek plan van aanpak. De biosecurity werd daarnaast jaarlijks geëvalueerd en de PRRS-status bepaald en gevolgd.

Op alle bedrijven zijn concrete aanpassingen doorgevoerd om het PRRS-virus beter te beheersen. Dat heeft onder meer geleid tot een daling van het aantal doodgeboren biggen en tot gemiddeld 7 procent uniformere tomen bij het spenen. Ook was er sprake van een duidelijk dalende trend in de uitval van biggen na het spenen.

Bij de deelnemers met vleesvarkens daalde de uitval met ruim 1 procent tot 1,7 procent en steeg de groei met gemiddeld 35 gram per dag. Verder nam het antibioticagebruik tussen 2022 en 2023 gemiddeld met 28 procent af.



De dierdagdosering voor gespeende biggen gaat omlaag.
De dierdagdosering voor gespeende biggen gaat omlaag. © Twan Wiermans

'Nieuwe benchmarkwaarde voor speenbiggen is uitdagend'

De benchmarkwaarde voor speenbiggen gaat omlaag van negentien dierdagdoseringen in 2026 naar zeventien doseringen in 2027 en vijftien in 2028. De POV heeft met het ministerie van Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur afgesproken gefaseerd toe te werken naar de nieuwe waarde, met tussendoelen in 2026 en 2027. Het streven is dat de benchmarkwaarde van vijftien dierdagdoseringen in 2028 wordt behaald.

Volgens de POV is de nieuwe norm uitdagend. 'Hier moet op een verantwoorde manier naartoe gewerkt worden. Zeker in combinatie met de andere grote opgaven in de sector die van invloed kunnen zijn op de diergezondheid en het antibioticagebruik', stelt de belangenbehartiger. Een jaarlijks evaluatiemoment is wel een randvoorwaarde: 'Door jaarlijks te evalueren, blijft er ruimte voor flexibiliteit en kunnen doelen waar nodig worden bijgesteld op basis van de actualiteit.'

Voor de diercategorieën zeugen/biggen en vleesvarkens verandert er niets met betrekking tot het aantal dierdagdoseringen. Deze diercategorieën werken al langer met benchmarkwaarden voor aanvaardbaar gebruik. Die worden in de komende jaren niet aangepast.

Bekijk meer over:

Lees ook

Marktprijzen

Meer marktprijzen

Laatste nieuws

Nieuwste video's

Kennispartners

Meest gelezen

Nieuw op MechanisatieMarkt.nl

Meer advertenties

Weer

Meer weer