Kester verplaatst melkveebedrijf naar Friesland met oog op bedrijfsopvolgers

Familie Kester boert sinds kort op een nieuwe stek. De bedrijfsverplaatsing maakt het mogelijk om twee zonen een toekomst in de melkveehouderij te bieden. Om van Utrecht naar Friesland te kunnen verhuizen voerde Aad Kester vele gesprekken, onder meer met Gerard van Dorresteijn, accountmanager bij de Rabobank.

Kester+verplaatst+melkveebedrijf+naar+Friesland+met+oog+op+bedrijfsopvolgers
Rabobank

In september verhuisde familie Kester met hun melkveebedrijf in het Utrechtse Langbroek naar Kubaard in Friesland. De verhuizing was het sluitstuk van een proces dat enkele jaren duurde. ‘Gelet op alle ontwikkelingen in de landbouw zullen vele collega’s de komende jaren een proces van veranderingen doormaken’, zegt melkveehouder Aad Kester.

Voor Aad (55) en Astrid (53) Kester was de wens van hun zonen Bart (23) en Tim (21) om boer te worden een belangrijke aanleiding om na te gaan denken over bedrijfsverplaatsing. Beide jongens studeren aan de agrarische hogeschool in Dronten. In Langbroek boerde Aad op een melkveebedrijf met bijna 100 koeien en 40 hectare grond.

‘Eigenlijk hadden we het best goed voor elkaar, al zeg ik het zelf. Het was een eenmansbedrijf waar ik met plezier een inkomen kon verdienen. Maar omdat beide jongens aangaven dat ze melkveehouder wilden worden, begon ik wel na te denken over mogelijkheden om twee bedrijfsopvolgers een kans te geven.’

Aankoop van een compleet bedrijf met gebouwen paste niet in de beleidskaders van de provincie

Dit onderwerp kwam de afgelopen jaren ook op tafel in de gesprekken die Aad voerde met Gerard van Dorresteijn, accountmanager bij de Rabobank. ‘De bedrijfsstrategie richting toekomst is een belangrijk onderdeel van gesprekken die we met onze klanten voeren’, vertelt Van Dorresteijn. ‘Agrarische ondernemers stellen het doorgaans op prijs om ons als sparring partner te kunnen benutten.’


Ruimte creëeren

Aan de keukentafel bijKester sprak Van Dorresteijn diverse keren over hoe Kester ruimte zou kunnen creëren voor een dubbele bedrijfsopvolging. Daarbij ging het onder meer over het eventueel aankopen van een tweede bedrijf, of het uitbreiden van het grondareaal om groei van het melkveebedrijf in Langbroek mogelijk te maken.

‘Geschikte kansen voor beide opties kwamen de afgelopen jaren niet voorbij. Groeien met grond was lastig in Langbroek vanwege de hoge gronddruk in provincie Utrecht. Er komt niet vaak grond te koop en veel landbouwgrond is pachtgrond van landgoederen waar je als buitenstaander niet voor in aanmerking komt’, vertelt Kester. ‘De gronddruk heeft ook te maken met de wens van de provincie om nieuwe natuur te realiseren. Ook is er grond nodig voor energietransitie en andere projecten. En er zijn gewoon veel melkveehouders die boer willen blijven.’

Van Dorresteijn adviseerde Kester om niet te blijven wachten tot er een kans op een groeisprong voorbij zou komen, maar om actief op zoek te gaan naar mogelijkheden. Kester was het daarmee eens. Ook al omdat hetzelfde advies hem ook op een andere manier bereikte. ‘Zoon Bart gaf op school een presentatie over het toekomstperspectief van ons melkveebedrijf. Als feedback van de toehoorders kreeg hij de vraag of we als ondernemers zelf het stuur in handen namen of dat we op de achterbank wilden blijven zitten. Bij mij viel toen het kwartje. We hebben er vorig jaar binnen ons gezin uitgebreid over gesproken en concludeerden dat verplaatsing van ons melkveebedrijf naar elders in Nederland misschien ruimte voor twee toekomstige ondernemers zou geven’, aldus Kester.

‘Ook was de conclusie dat de tijd rijp was. De jongens zouden binnen een paar jaar hun opleiding afronden. Dochter Sophie stond op het punt om aan een studie in Wageningen te beginnen. En zelf had ik het gevoel: als we een stap willen zetten moet het nu gebeuren. Ik ben inmiddels 55. Misschien heb ik wel geen zin meer in verplaatsen als ik 60 ben.’


Kansen

Van Dorresteijn: ‘Onder de rook van Utrecht is grond schaars, en is uitbreiding voor een melkveehouder lastig. Keerzijde daarvan is een hoge prijs per hectare. Bij verkoop kun je in andere provincies meer grond terugkopen. Dit biedt kansen.’

Dat familie Kester niet terugdeinsde voor een bedrijfsverplaatsing naar een andere provincie, komt volgens Kester mogelijk doordat bedrijfsverplaatsingen ook bij eerdere generaties al aan de orde waren. De opa van Kester verhuisde van Schiedam naar het Utrechtse IJsselstein en zijn vader ging in 1991 vanwege nieuwbouwplannen van IJsselstein naar Langbroek.

Vorig jaar wilde provincie Utrecht agrarische percelen in Natuur Netwerk Nederland (NNN) kopen. ‘Maar dat vlotte niet erg. Ons bedrijf lag buiten het ingetekende NNN-gebied, maar volgens de makelaars zou onze grond goed te gebruiken zijn als ruilmiddel in het aankoopproces.

Maar aankoop van een compleet melkveebedrijf met gebouwen en al, paste niet in de beleidskaders die de provincie had voor het uitbreiden van het natuurnetwerk. Toenmalig gedeputeerde Hanke Bruins Slot moest er aan te pas komen om dit toch mogelijk te maken. Ons uitgangspunt was dat we wilden verkopen aan de provincie, mits we konden verplaatsen naar een bedrijf met perspectief.’


Specifieke wensen

Terwijl de gesprekken met de provincie gaande waren, keken de ondernemers om zich heen naar een nieuw melkveebedrijf. Daarbij hanteerden ze een kort lijstje met specifieke wensen: ruimte voor twee ondernemers; een passende NB-vergunning en kleigrond. ‘Daarbij liepen we al snel tegen dit bedrijf aan. Eigenlijk is het precies wat we zochten. De ligboxenstal is op orde en biedt ruimte aan 211 melkkoeien. Bij het bedrijf hoort 85 hectare grond en dat is allemaal huiskavel.’

Het bedrijf in Kubaard was uiteindelijk het enige bedrijf dat Kester daadwerkelijk bezichtigde. ‘We hadden meteen een goed gevoel. Ook de kennismaking met de verkopers verliep prettig.’ Aad en Astrid Kester benutten in oktober vorig jaar het jaarlijkse weekendje weg ter gelegenheid van hun trouwdag om uitgebreid rond te kijken in Kubaard en omgeving. ‘Ook sociaal gezien zullen wij hier kunnen aarden, merkten we toen.’
Zowel de verkoop van het oude bedrijf als de aankoop van het nieuwe bedrijf had nog de nodige voeten in aarde. Onder meer de financiering was een heikel punt. In overleg koppelde Gerard van Dorresteijn Kester aan zijn Friese collega Tjerk de Vries. Van Dorresteijn: ‘Met het oog op de toekomst past een accountmanager in de buurt van je bedrijf vaak beter dan blijven samenwerken met de accountmanager in het gebied waaruit je vertrekt. Al komt dat laatste ook voor.’


Voorspoedige start

Na bijna drie maanden in Kubaard zijn de familieleden positief. ‘De verkopers hebben ons goed geholpen om het bedrijf te leren kennen. Dat is fijn. Verder draagt ook de gestegen melkprijs bij aan een voorspoedige start. Daarbij is het prettig dat we ook hier onze melk onder het keurmerk ‘On the way to PlanetProof aan FrieslandCampina kunnen leveren. Het begin is er’, zegt Kester.

‘Ons doel is dat de jongens het bedrijf over een jaar of vijftien kunnen overnemen. Door zelf een duidelijk plan te maken en zelf de regie te nemen kun je veel bereiken. Leun niet te veel op overheden. Die blinken niet uit in creativiteit en ondernemerschap. Trek als ondernemer je eigen plan en ga er voor. Wacht niet op wat mogelijk gaat komen.’


Strak bedrijfsplan

Om de bedrijfsverplaatsing te kunnen financieren was een strak bedrijfsplan nodig. Onderdeel van dat plan is dat Aad Kester vanaf de start in Kubaard de bedrijfscapaciteit geheel benut. De ondernemer nam zijn eigen koeien mee naar Friesland en nam er van de verkoper 130 over. Het plan gaat er tevens vanuit dat zonen Bart en Tim na hun opleiding ook buiten het bedrijf een inkomen verdienen. En ook Astrid Kester houdt haar baan van twee dagen per week. Accountmanager Rabobank Gerard van Dorresteijn: ‘De bedrijfsverplaatsing komt op een goed moment. Aad Kester is nog in de kracht van zijn leven en ook van de jongens kun je verwachten dat ze de komende jaren een stap extra willen zetten.’ Wil je ook een strategisch gesprek plannen met jouw accountmanager? Ga naar rabo.nl/landbouw-transitie

Dit artikel is gecreëerd door onze kennispartner Rabobank

Rabobank

Vanuit haar agrarische oorsprong kent Rabobank de landbouw en voedselindustrie als geen ander. In Nederland zijn we veruit de grootste bank op dit vlak,...

Lees verder »

Meer van Rabobank

Lees ook

Meer artikelen van Rabobank »

Artikelen over Rabobank