Deel+vroeg+geoogste+mais+niet+rijp
Nieuws
© Benno Neeleman

Deel vroeg geoogste mais niet rijp

Van de mais die voor 1 oktober is geoogst, blijkt 40 procent niet het vereiste drogestofpercentage van 35 procent te hebben voor een optimale kuil. Vaak kozen de veehouders er bewust voor om de mais onrijp van het land te halen.

Een deel van de ondernemers koos vanwege de aanvankelijke vanggewasverplichting eieren voor zijn geld. Het uitstel kwam voor deze boeren te laat. Anderen haalden de oogst binnen voordat de voorspelde regen begin oktober de oogst zou bemoeilijken.

Dat een deel van de mais onrijp is, blijkt uit de cijfers van Eurofins Agro op basis van de eerste duizenden kuilen die zijn bemonsterd en geanalyseerd. Door het koude en natte voorjaar kwam een deel van de mais laat op, ook werd op veel plaatsen later gezaaid dan normaal. Volgens Eurofins liep de groei ongeveer twee weken achter ten opzichte van andere jaren.


Drogestofpercentage en zetmeel

De bemonstering van een onrijp gewas komt onder meer naar voren in het drogestofpercentage en de hoeveelheid zetmeel. 'Hoe rijper de mais, hoe hoger het drogestofpercentage en de hoeveelheid zetmeel, omdat dit zetmeel vrijkomt door de afrijping', vertelt Erikjan van Huet Lindeman, manager marketing & development bij Eurofins Agro.

Wel stelt Van Huet Lindeman dat meerdere factoren het drogestofpercentage bepalen, zoals de afrijping van de plant en de droogte van het gewas. Gemiddeld lag dit vorig jaar op 36 procent. Vanaf een drogestofpercentage van 35 zou mais een ideale voederwaarde hebben.


10 procent is te droog

De mais die voor 1 oktober werd gehakseld, valt gemiddeld met 35,7 procent ook binnen dit ideale deel. Maar de spreiding is groot. Zo valt 40 procent onder die 35 procent en heeft een kwart een percentage onder de 33,9. Daartegenover staat dat 10 procent boven de 38,9 procent droge stof uitkomt en volgens de maatstaven als te droog wordt getypeerd. Dit kan leiden tot broei.

Het zetmeelgehalte is met 366 gram per kilo droge stof hoger dan het langjarig gemiddelde van 361 gram per kilo droge stof. De kuilen op of na 1 oktober komen uit op 376 gram, die voor 1 oktober op 366 gram. Dit wordt niet alleen bepaald door de rijpheid van de korrel, maar ook door het kolfaandeel.

De zetmeelgehalten bij die vroege kuilen zijn dit jaar over het algemeen goed en binnen het streeftraject tussen de 320 en 400 gram. Zo komt 10 procent onder de 333 gram uit. Daartegenover staat dat ook 10 procent boven de 393 gram zit. Dit hoeft overigens niet dezelfde 10 procent te zijn als de meest droge mais. Over de heel late kuilen doet Eurofins geen uitspraken. Die zijn vaak nog niet bemonsterd.

Weer

  • Donderdag
    6° / 2°
    70 %
  • Vrijdag
    5° / 0°
    70 %
  • Zaterdag
    7° / 3°
    70 %
Meer weer