Biologische+akkerbouw+vergroot+diversiteit+met+zaadvaste+groenterassen
Achtergrond
© De Zaderij

Biologische akkerbouw vergroot diversiteit met zaadvaste groenterassen

Met zaden van het Centrum voor Genetische Bronnen Nederland kunnen veredelaars nieuwe gewasvariaties kweken. Voor de biologische landbouw wil Stichting Zaadgoed zaadvaste groenterassen ontwikkelen. Die leveren een mooier landschap en meer smaak en diversiteit in de winkel op, maar de opbrengst is lager en de kostprijs hoger.

In Wageningen bevindt zich de gewascollectie van het Centrum voor Genetische Bronnen Nederland (CGN), onderdeel van Wageningen University & Research. Deze bevat meer dan 23.000 zaadmonsters van dertig verschillende gewassen. Het betreft zowel oude en moderne rassen als in het wild voorkomende soorten van over de hele wereld. Doel is om de soorten te behouden, zoals in genenbanken in verschillende landen gebeurt. Veredelingsbedrijven en andere veredelaars kunnen de zaden van het CGN daarnaast gebruiken om nieuwe variaties mee te kweken.

Theo van Hintum, hoofd van het CGN, legt uit dat de gangbare groenteteelt in het algemeen werkt met F1-hybrides. Die zijn door inteelt ontstaan en leveren uniforme rassen op die telers nauwelijks kunnen vermeerderen, waardoor zij ieder jaar nieuw zaad nodig hebben. Vanuit productie-oogpunt is daar volgens Van Hintum niets op tegen, omdat ze gezond zaad kopen dat een hoge opbrengst geeft tegen een relatief lage prijs. Nadeel is dat het de landbouw kwetsbaar maakt, doordat het aantal geproduceerde soorten afneemt en de resistentie tegen bepaalde ziektes kan verdwijnen als ziekteverwekkers muteren.


Vergeten groentes

Een ander nadeel van het gebruik van hybridezaden vindt Van Hintum het verlies aan biodiversiteit en de eenvormigheid van de groentesoorten die eruit zijn voortgekomen en die soms ook hebben ingeboet aan smaak en voedingskwaliteit. 'Wij zijn blij met alle initiatieven om vanuit de zaden van het CGN vergeten groentes, oude tomatenrassen of smaakvollere komkommers te gaan telen. Daardoor gaat de wereld er mooier uitzien, krijgen we smaakvollere groentes en hebben we meer diversiteit in de winkel.'

Blij met initiatieven om smaakvolle groentes te telen

Theo van Hintum, hoofd CGN

Hij voegt daaraan toe dat daaraan wel een prijskaartje hangt: dergelijke groentes zijn vaak duurder, omdat de opbrengst van de gewassen meestal lager is en de productie- en distributiekosten hoger.


Stichting Zaadgoed

De biologische landbouw ziet als nadeel van hybridezaden ook de afhankelijkheid van een steeds kleiner aantal veredelingsbedrijven, veelal grote, internationale spelers. Mede daarom is in 1998 Stichting Zaadgoed opgericht, die zich bezighoudt met biologische veredeling van rassen voor de biologische landbouw, voorlichting aan consumenten en kennisontwikkeling bij boeren die zelf hun gewassen willen veredelen.

Doel is het creëren van een ruimer aanbod aan groenten met meer kleuren, vormen en smaken en het vergroten van de biodiversiteit.


Gewenste eigenschappen

Edwin Nuijten, penningmeester van de stichting, legt uit dat telers tot het begin van de twintigste eeuw zelf hun gewassen veredelden door planten te selecteren die gewenste eigenschappen hadden, zoals een goede smaak, een hoge opbrengst of een geringe vatbaarheid voor ziektes en plagen. Dat was een voortdurend en arbeidsintensief proces, waardoor sommige telers zich gaandeweg zijn gaan specialiseren tot veredelaar.

Uiteindelijk zijn de F1-hybriden op de markt gekomen. Volgens Nuijten zijn die ontwikkeld voor een landbouwmethode met kunstmest en gewasbeschermingsmiddelen en is het beeld daarover aan het kantelen. 'Het wordt steeds duidelijker hoe belangrijk het bodemleven is voor de plantengroei.'


Duizend donateurs

Stichting Zaadgoed ondersteunt kleinschalige projecten bij biologische land- en tuinbouwbedrijven. De financiering komt van inmiddels zo'n duizend donateurs, waardoor jaarlijks een bedrag van ongeveer 35.000 euro beschikbaar is. Eén van de ondersteunde projecten is het ontwikkelen van een spinazieras uit zeven oude rassen uit de zadenbank van het CGN. Zes jaar lang zijn planten geselecteerd die als beste uit de bus kwamen wat betreft droogtebestendigheid, resistentie tegen ziekte, traag doorschieten en een hoge opbrengst door de grote bladen. Dit jaar heeft een aantal telers het geselecteerde spinaziezaad getest, met veel positieve reacties.

Het project is uitgevoerd binnen coöperatie De Zaderij, een groep tuinders en zorgboerderijen die zelf rassen veredelen en zaad vermeerderen en dit verkopen aan tuinders en hobbykwekers via een webshop, in natuurvoedingswinkels en tuincentra. De Zaderij verkoopt inmiddels zaden van veertig zaadvaste rassen van verschillende groentes.


Zichtbaarheid vergroten

Door informatie over zaadvaste rassen met verhalen en filmpjes over de bühne te brengen, wil de coöperatie de zichtbaarheid naar buiten vergroten. Dat past volgens een woordvoerder in een tijd dat steeds meer consumenten kiezen voor duurzaam en lokaal geproduceerd voedsel. 'We kunnen veel vertellen over de veredeling van groenterassen door de eeuwen heen en de verschillen binnen Nederland, met bijvoorbeeld Friese en Twentse variëteiten die zijn afgestemd op de lokale weersomstandigheden en grondsoorten.'

Weer

  • Maandag
    4° / -1°
    20 %
  • Dinsdag
    6° / 2°
    20 %
  • Woensdag
    5° / 3°
    80 %
Meer weer