Akkerbouwland+al+dertig+jaar+op+4+procent+organische+stof
Achtergrond
© Haijo Dodde

Akkerbouwland al dertig jaar op 4 procent organische stof

Arjan Reijneveld van Eurofins Agro is positief over de conditie van de Nederlandse landbouwgrond. Wel zijn er volgens de bodemspecialist aandachtspunten. 'De variatie is groot en goede aanvoer van nutriënten blijft nodig. Verder moeten we ons instellen op structureel lagere fosfaatvoorraden in de bodem.'

Jarenlange analyses van BLGG en later Eurofins Agro wijzen uit dat het organischestofgehalte van Nederlandse landbouwgronden vrij stabiel is. Arjan Reijneveld van Eurofins Agro in Wageningen vertelt dat het gemiddelde gehalte aan organische stof op akkerbouwgronden al vanaf 1985 ongeveer 4 procent bedraagt. Dat overall het organischestofgehalte wel is gedaald, komt doordat het aandeel blijvend grasland dertig jaar geleden nog een stuk hoger was.

Nederlandse akkerbouwers verdienen een compliment, vindt Reijneveld. 'Er is de laatste jaren veel aandacht besteed aan de aanvoer van organische stof. Dat werpt zijn vruchten af, zeker in vergelijking met omliggende landen. België en Duitsland bijvoorbeeld hebben het veel moeilijker om de organische stof in de bodem op niveau te houden.'

Nadruk op kwaliteit

De bodemspecialist vertelt dat Eurofins Agro in analyses en adviezen meer de nadruk wil leggen op de kwaliteit van organische stof. 'We bepalen organische stof tegenwoordig in stabiele fracties en fracties die gemakkelijker afbreken. Dit doen we niet alleen voor grondbemonstering, maar ook voor analyses van organische materialen om meer informatie te krijgen over het effect van het aanwenden van dergelijke producten.'

Organische stof en fosfaat bepalen de opbrengstpotentie

Arjan Reijneveld, senior productmanager Eurofins Agro

Organische stof is voor de opbrengstpotentie van een bodem enorm belangrijk, stelt Reijneveld. Dat geldt volgens hem ook voor de fosfaattoestand. 'Als we van mais de opbrengstresultaten van tweehonderd percelen op een rij zetten, dan zien we variaties van 13 tot 20 ton droge stof per hectare. De hoogste opbrengsten komen altijd van percelen met voldoende organische stof en een goede fosfaatvoorziening.'

Fosfaatvoorraad

Akkerbouwers, maar ook bollenkwekers, hebben in tegenstelling tot organische stof wel te maken met afname van fosfaatvoorraden in de bodem. Analyses van akkerbouwbedrijven in de Noordoostpolder tonen aan dat het gehalte aan fosfaat dat opneembaar is voor de plant (P-CaCl2) van 2006 tot en met 2014 is afgenomen van 2,2 tot 1,7 gram per kilo grond.

'Dit is een rechtstreeks gevolg van de halvering van de gebruiksnormen gedurende de laatste vijftien jaar', zegt de bodemspecialist. Hij gaat ervan uit dat een forse daling van het fosfaatgehalte niet verder doorzet, maar dat er geleidelijk sprake zal zijn van een nieuw evenwicht in de bodem.

Uitdaging

Voor alle gronden geldt dat gewastelers zich moeten instellen op een structureel lagere fosfaattoestand. 'De uitdaging is om de gevolgen daarvan zoveel mogelijk te beperken. Structuur speelt daarbij een belangrijke rol. Fosfaat is weinig mobiel in de bodem en voor een optimale opname moeten gewassen goed kunnen wortelen. Verder kan op bepaalde gronden het verhogen van de pH door bekalken tot een niveau tussen 5 en 7 bijdragen aan een betere opname van fosfaat.'

Een belangrijke indicator voor de bodemvruchtbaarheid is de Cation Exchange Capacity (CEC) van het klei-humuscomplex in een bodem. De CEC geeft aan in welke mate een bodem in staat is om voedingselementen te binden. Om optimaal gebruik te maken van de CEC is het van belang dat het klei-humuscomplex in de bodem voldoende voorzien is van nuttige nutriënten als kalium, calcium, magnesium en natrium. 'Bovendien stimuleert een goed bezette CEC de opname van fosfaat.'

Grondonderzoeken

Via grondonderzoeken krijgen gewastelers informatie over de omvang en benutting van de CEC van hun bodem. Op basis daarvan kunnen ze bepalen in hoeverre bodemreparatie nodig is. Extra aanvoer van organische stof en eventueel bekalken kan zorgen voor meer bindend vermogen in een bodem.

Uit analyses van Eurofins Agro blijkt dat de voedingstoestand van percelen en gewassen ook in Nederland sterk varieert. 'Bij het bijsturen ligt de meeste focus op hoofdelementen, maar wij constateren steeds vaker dat er een gebrek is aan bijvoorbeeld zwavel en enkele essentiële sporenelementen.'

Genoeg hulpmiddelen

Reijneveld is positief over de gemiddelde conditie van de Nederlandse landbouwgrond. 'Er zijn aandachtspunten, maar ook genoeg hulpmiddelen om de situatie te verbeteren. Verder gaan Nederlandse gewastelers goed om met de restricties van het mestbeleid.'

Over de wensen voor komend mestbeleid zegt de bodemspecialist dat hij hoopt op extra ruimte voor het aanwenden van organische stof. 'Dat is hard nodig. Met het huidige beleid veranderen veel gronden in zandbakken en worden alleen maar gevoeliger voor uitspoeling van nutriënten. Vanuit milieuoogpunt is dit een averechts effect.'

Weer

  • Vrijdag
    22° / 6°
    10 %
  • Zaterdag
    23° / 8°
    10 %
  • Zondag
    23° / 10°
    10 %
Meer weer