%E2%80%98Dunne+mest+bij+kalf+is+niet+altijd+diarree%E2%80%99
Achtergrond
© Han Reindsen

‘Dunne mest bij kalf is niet altijd diarree’

Meer dan de helft van de kalveren op melkveebedrijven krijgt te maken met diarree en de helft van de kalversterfte is gerelateerd aan diarree. Een goede diagnose bij kalverdiarree is belangrijk voor een gerichte en effectieve behandeling. Waar liggen aandachts- en verbeterpunten?

Kalveropfokspecialist Hans Wansink van Spayfo schat in dat ruim een derde van de veehouders een verkeerde diagnose stelt bij kalverdiarree. Hierdoor wordt het probleem niet goed aangepakt met alle negatieve gevolgen van dien.

‘Dunne mest is niet altijd diarree. En er zijn meerdere varianten diarree met verschillende oorzaken. Gaat het om een besmettelijke infectieuze diarree of een niet-infectieuze verstoring van de vertering? Als je dat weet, kun je de oorzaak pas aanpakken’, geeft Wansink aan.

‘Een ondergeschoven kindje zijn de kalveren al lang niet meer’, vervolgt de opfokspecialist. ‘Maar met kleine verbeterpunten in de kalveropfok kunnen al grote stappen worden gezet om kalverdiarree te verminderen. Een kalf kun je maar één keer opfokken.’

Straf het kalf niet door het alleen maar water te geven

Hans Wansink van Spayfo

Goede droogstand basis

Een goede droogstand van de koe is essentieel voor de opstart van het kalf, geeft Wansink mee. Voeding van hoogdrachtige koeien heeft grote invloed op de gezondheid van het ongeboren kalf. Is het rantsoen in de droogstand niet op orde dan heeft de vrucht al een achterstand. Ook is de biest dan vaak van lagere kwaliteit.

‘Een kalf is al negen maanden oud als het geboren wordt, heeft geen natuurlijke weerstand en is afhankelijk van goede biest om weerstand op te bouwen. Biestmanagement moet 100 procent goed zijn. De eerste uren zijn erg belangrijk voor de inname van antistoffen.’

De eerste vier weken zijn de risicoweken voor diarree. Niet alleen de diagnose, maar ook de behandeling laat nog wel eens te wensen over, merkt Wansink. ‘Sommige boeren zetten het kalf bij diarree een dag op alleen maar water. Dat is het dier straffen en hierdoor daalt het energieniveau nog verder. Je zou bij enkele voedingen de melkgift kunnen halveren, aangevuld met vocht en een elektrolytenmix, maar melk weglaten is een foute keuze.’


Kleur en structuur van de mest

Kijk bij diarree naar de kleur en structuur van de mest, raadt de Sprayfo-adviseur aan. ‘Diarree is onverteerd voedsel van de dag ervoor. Is de mest vla-achtig dun en homogeen dan ligt de oorzaak waarschijnlijk aan de melkkant. Check het voerschema, controleer de voertemperatuur, gebruik je de juiste hoeveelheid melkpoeder, is de melkpoeder goed opgelost?

‘Is de mest gelige, groenachtig met vlokjes, zie je wat bloed? Dan is er zeer waarschijnlijk sprake van infectieuze diarree. Inzet van antibiotica of een alternatief middel kan een oplossing zijn.

‘Een darm van een kalf vindt te koude de melk niet prettig. 40 graden is behoorlijk warm, maar wel de juiste temperatuur’, stelt Wansink. Als de diarree donker, zwartachtig of bruin is, ligt de oorzaak waarschijnlijk aan de ruw- en krachtvoerkant.


40 graden is de juiste temperatuur voor de te geven melk.
40 graden is de juiste temperatuur voor de te geven melk. © Twan Wiermans

Hygiëne is ook belangrijk. Wansink: ‘Gebruik je melkhandschoenen en hoe zijn de looplijnen? Hoe is de huisvesting? Ik adviseer 15 procent individuele huisvesting. Het gaat om de leegstand. Zorg dat er een schone en droge plek is voor het kalf. Ontsmetten kan, maar het risico bestaat dat je dan ook de goede bacteriën doodt.’


Management kalveropfok optimaliseren

Mariël Fokkert van Kalfsupport ziet ook dat er nog winst te behalen is bij verminderen van kalverdiarree. Geen diarree meer is een illusie, maar met optimalisatie van het management rondom de kalveropfok is minder diarree snel te realiseren, vindt zij.

‘Omgevingsbacteriën en parasieten worden vaak met biestopvang en -verstrekking onopgemerkt aan het kalf doorgegeven.’ Hokken worden meestal wel goed gereinigd, maar voor materialen en gereedschappen is minder aandacht, weet ze. ‘Werk je met meer mensen, dan vraagt dit nog meer discipline want kruisbesmetting gaat vrij snel.’


Bedrijfsblindheid en kruisbesmetting

Als Mariël Fokkert van Kalfsupport op melkveebedrijven komt, neemt ze samen met de melkveehouder het management van de kalveropfok stap voor stap door. Bedrijfsblindheid en het niet bewust zijn van kruisbesmetting komt in de praktijk vaak voor. Een paar vreemde ogen die meekijken naar de gebruikelijke werkwijze zorgen voor optimalisatie. ‘Het kalf wordt bijvoorbeeld wel geboren in een schone omgeving. Maar wanneer een kalf getransporteerd wordt naar de eenlinghuisvesting, wordt veelal gebruik gemaakt van een verontreinigde taxi, waardoor de kruisbesmetting een feit is.’ Bij verstrekken van biest gaat de voorkeur uit naar het gebruik van een speenfles of speenemmer. Is er te weinig tijd om veel en vlug de biest aan het pasgeboren kalf te verstrekken, dan luidt het advies van de kalveropfokspecialist om te sonderen. Want 4 liter biest met minimaal totaal 250 gram aan immunoglobuline G (IgG) moet er binnen vier uur in. Maak in dit geval wel gebruik van een diervriendelijke sonde en zorg ervoor dat de gebruikte materialen schoon zijn.’ Verder dient de veehouder te beseffen dat een kalf zeker minimaal zes weken ruwvoer gehad moet hebben om de pens voldoende te laten ontwikkelen. Dat is dus een belangrijke randvoorwaarde voor het starten van het afbouwen van de melkgift. Ook het spenen is, net als de eerste drie weken, een cruciaal moment waarop melkveehouders extra alert moeten zijn, stelt de kalveropfokspecialist. ‘Voor deze periode moeten ook de darmen goed gezond zijn om de benutting van ruwvoer optimaal te laten verlopen.’

Een droogstand van zeven weken en een optimaal droogstandsrantsoen legt de basis voor een goede biestkwaliteit, stelt de opfokspecialist. Bij een onverstoorde drachtperiode is de ontwikkeling van het jonge kalf optimaal. ‘Hiermee zet je een belangrijke stap voor de weerstand van het pasgeboren kalf. Je kunt zo wel voor 80 procent diarree voorkomen.’

Verstrek bij diarree extra vocht aangevuld met elektrolyten en energie, adviseert ze. ‘In veel gevallen mag een kalf melk blijven drinken, mits warm en in kleine porties. Maak gebruik van een pijnstiller of Kalf-Spirinebolus en temperatuur altijd bij diarree. Raadpleeg de dierenarts bij koorts. Bij een omgevingstemperatuur lager dan 10 graden Celsius adviseer ik een kalverbodywarmer.’


Water altijd via voerschaal

Wat volgens de kalveropfokspecialist regelmatig fout gaat, is het water geven aan een diarreekalf met speenemmer of speenfles. ‘Hierdoor kan water in de lebmaag terecht komen. Verstrek water altijd via een voerschaal.’

Biestverstrekking en een probleemloze start van het kalf zijn cruciaal bij het beperken van diarree. ‘Een goede reden om te stoppen met het halve werk en te beginnen met de juiste opstart’, besluit de opfokpecialist van Kalfsupport.

Weer

  • Zaterdag
    7° / 4°
    30 %
  • Zondag
    8° / 4°
    10 %
  • Maandag
    7° / 1°
    20 %
Meer weer