Hoogleraar+Arnoud+Boot%3A+%27Boeren+en+tuinders+hebben+veel+te+verliezen%27
Interview
© Gregor Servais

Hoogleraar Arnoud Boot: 'Boeren en tuinders hebben veel te verliezen'

Naast de vele financieel-economische nevenfuncties die hij bekleedt, is hij erelid van de Koninklijke Vereniging voor de Staathuishoudkunde (KVS). Maar Arnoud Boot vindt evengoed dat de staat boeren ruimhartiger moet compenseren. 'Je krijgt mensen gewoonweg niet mee in een massale transitie als je dat nalaat.' Tegelijk hebben agrariërs, jong en oud, ook ieder hun eigen verantwoordelijkheid naar de toekomst, betoogt hij. 'Beweeg waar nodig.'

'Boeren hebben gelijk als ze zeggen dat ze speelbal zijn van de politiek. En wel omdat ze grote investeringen moeten doen voor hun gebouwen, machines én alle bijbehorende regelgeving. Als de regels dan bij wijze van spreken elke vier of acht jaar veranderen, gaan deze investeringen grotendeels verloren. En de boel lucratief verkopen aan je buurman die er vrolijk mee verdergaat, kan niet zomaar. Want die valt onder dezelfde knellende regels', stelt hoogleraar Arnoud Boot.

Doe alles wat helpt op je boerenerf en houd niet koste wat kost vast aan niet-essentiële zaken

Arnoud Boot, hoogleraar ondernemingsfinanciering en financiële markten Universiteit van Amsterdam

'Dus op het moment dat er sprake is van gemiddeld grote investeringen, vereist dat juist een grote standvastigheid in het beleid. Anders benadeel je een enorme groep boeren op een onrechtmatige manier. De transitie die de land- en tuinbouw doormaakt, vraagt tact en visie. Daar ontbreekt het regelmatig aan, is mijn stellige indruk. Kijk maar naar het boerenverzet.'


U bent een man van dialoog en beleid. Helpen de boeren zichzelf met actievoeren in uw optiek?

'Als ik boer was, zou ik ook alles tevoorschijn halen wat ik had om Den Haag ervan te overtuigen dat ze op onderdelen mijn sector forse schade toebrengen. Geef ze eens ongelijk. De vraag is of de politiek het juiste wisselgeld inbrengt om de transitie naar de toekomst te doen slagen.

'Amerikanen zeggen: 'Je moet altijd zorgen voor voldoende 'pork' in de aanpak.' Als je mensen te weinig of zelfs helemaal geen pork biedt, krijg je hen, in welke sector dan ook, niet mee. Met het oog op de weerstand in de afgelopen decennia zijn boeren vermoedelijk onevenredig hard geraakt, dan wel gecompenseerd voor de offers die ze langjarig hebben moeten brengen.'


Hoe kijkt u in dit licht naar Brussel? Draagt de Green Deal oplossingen of problemen aan?

'Je kunt daar op verschillende manieren naar kijken. Als ik in de schoenen van Eurocommissaris Frans Timmermans stond, zou ik ook zeggen dat de ambitieuze Green Deal een hoogwaardige transitie voorstaat die de hele Europese maatschappij, industrie en land- en tuinbouw in één klap naar een nieuw duurzaam niveau tilt. Als we maar meedoen met elkaar.

'Maar sceptici zullen zeggen dat Brussel al jaren hard op zoek is naar een nieuwe missie voor zichzelf om de boel bij elkaar te houden. Ze zullen met elk verhaal komen dat hierin past. En ze hebben nu iets geweldigs gevonden: de Green Deal is dé investeringsagenda om uit de interne crisis te komen. Corona is geen bedreiging voor de Europese Unie. Het is zelfs een kans naar ultieme verduurzaming, zo klinkt het.

'Tegenover alle scepsis staat het legitieme argument dat we de aarde minstens hetzelfde, of liever beter, moeten achterlaten voor onze kinderen dan dat we het zelf hebben gekregen bij geboorte. Dat gaat nu faliekant mis, ziet iedereen. Het staat als een paal boven water dat we het klimaatprobleem moeten oplossen. Hoe leg je dit falen anders uit aan je kleinkinderen? Dit vraagt om gezamenlijkheid en resulteert al snel in de Brusselagenda.'


Pro's en contra's dus. Maar wat is het persoonlijke standpunt van Arnoud Boot?

'Mijn probleem zit 'm in de vraag of Brussel het aangrijpingspunt is wat ons in staat stelt om het te doen. De noodzaak tot verandering is evident, maar ís het Brussel? En vereist het dat Brussel gigantische hoeveelheden geld bij elkaar gaat verzamelen om de duurzame transitie vanuit het EU-hoofdkantoor te gaan coördineren?

'De kosten van de Green Deal belopen 1.000 miljard euro. Een immens bedrag. Het onlangs beklonken herstelpakket na corona bestaat voor het grootste deel, 390 miljard euro, uit giften en voor het overige deel, 360 miljard euro, uit leningen. De Europese Commissie gaat namens de 27 EU-lidstaten de kapitaalmarkt op om deze bedragen te lenen.

'Niet eerder kreeg de Europese Commissie zulke grote financiële bevoegdheden. Dit is een uitzonderlijke stap, omgeven met risico, erkennen ook de lidstaten zelf in het slotakkoord. Als al dat geld bijeengebracht door, mind you, individuele lidstaten wordt verspild, creëren we een nog groter probleem. Je krijgt dan een zeer hoog 'backlashrisico' dat vol tegen de Europese integratie ingaat. Zoiets moet je vooraf wel ernstig in beschouwing nemen.'


U pleit eigenlijk voor een decentrale aanpak?

'Er is een soort mechanisme bedacht waardoor Brussel invloed kan hebben op de voorstellen en wat er met verstrekte gelden gaat gebeuren. Gelukkig beslissen lidstaten individueel mee. Maar papier is geduldig, dus ik ben daar kritisch op en ook wel ongerust over.

'Neem Italië als voorbeeld. Ik heb niet de beste klimaatvoorstellen uit dit land zien komen. Maar de Italianen zullen een grote hap uit de EU-gelden nemen. Dus als vergroening wordt geëist, zullen ze in ieder geval hun voorstellen hierop aanpassen. Of ze het daadwerkelijk waarmaken, is een tweede.

'Als er bij mij ergens zorgen zijn, dan gaat over de geloofwaardigheid van Brussel en de rol van de EU als overkoepelend mechanisme om dingen in soevereine landen goed te regelen. Als daar twijfel over bestaat, moet je die megalomane pakketten niet doen. En het niet vragen aan mensen uit Brussel, want die willen gewoon meer van hetzelfde.'


Tekst gaat verder onder kader.

Zomerserie over toekomst

De toekomst van de landbouw, de rol van boeren en tuinders in onze samenleving en het belang van een eigen voedselproductie staan ter discussie. Daarom maakt Nieuwe Oogst deze zomer een serie interviews over de vraag: hoe ziet de toekomstige landbouw eruit en welke plek hebben de boeren en tuinders in onze veranderende samenleving? De interviews zijn niet bedoeld om de toekomst te voorspellen, maar om denkrichtingen te bieden over hervormingen van de landbouw, de rol van voedsel, mondialisering, regionalisering, gezondheid en technologie. • Bekijk de interviews die tot nu toe zijn verschenen

Even terug naar Nederland. Wat deed u als u op de stoel van landbouwminister Carola Schouten mocht zitten?

'Voor die functie sta ik vermoedelijk te ver van de landbouw af, maar ik zal er toch iets over zeggen. Twee aspecten vind ik echt cruciaal. Eén: als er zorgen zijn over de beschikbaarheid en toegankelijkheid van belangrijke nutszaken, zoals energie of onze eigen voedselvoorziening, is daar alle reden voor overheidsbeleid. Dus die bemoeienis blijft.

'Twee: in de land- en tuinbouw zal altijd sprake zijn van milieubelasting en externe effecten. Daarom moet je juist in deze sector kijken waar de toegevoegde waarde zit. Als blijkt dat activiteiten met een lage toegevoegde waarde populair zijn en op grote schaal plaatshebben, zit er waarschijnlijk iets helemaal verkeerd in het beleid. Want die zijn meestal een uitkomst van prikkels die van bovenaf worden gegeven.

'Neem de financiële voordelen destijds bij de bouw van megastallen als voorbeeld. Dat is in mijn ogen een ongewenst uitvloeisel van het beleid. Dus als landbouwminister zou ik sturen op toegevoegde waarde en niet op het inkomen van boeren. Dat is niet het juiste instrument of doelstelling voor de lange termijn.'


Maar dat laatste is wel wat boeren sinds de jaren tachtig doen: strijden voor hun inkomen.

'Ja, dit laat zien dat het de overheid en de markt ondanks alle technische innovatie niet is gelukt om voldoende meerwaarde te creëren. Een belangrijk aspect hiervan is de eerdergenoemde schuldenlast die ze als ondernemer op hun schouder meetorsen.

'De processen zijn efficiënter geworden, de productie is enorm gestegen, maar het lukt een groot deel van de agrariërs klaarblijkelijk niet om hier zelf een fatsoenlijke boterham mee te beleggen. Dit is voor een belangrijk deel de overheid aan te rekenen, die onvoldoende sturing gaf op toegevoegde meerwaarde.

'Dit proces is in de glastuinbouw beter verlopen. Daar zie je dat Nederland excelleert in kennis en kunde en deze ook profijtelijk exporteert. Ditzelfde gun ik de veeteelt en akkerbouwbedrijven.


Hoe kijkt u als econoom aan tegen een boerenbestaan?

'Het feit dat mensen kiezen voor een boerenbestaan, hier hun leven aan opofferen en grote investeringen doen om te zijn wat ze zijn, betekent dat ze veel te verliezen hebben. Ook rukt de verstening overal op. Je kunt als econoom dan een mooi verhaal ophangen en zeggen: 'Jullie moeten meer naar hoogwaardige activiteiten gaan.' Ja natuurlijk, dat moeten ze proberen.

'Maar als dat betekent dat ze weer nieuwe investeringen moeten doen en slechts kunnen hopen dat er straks meer voor hun producten wordt betaald, dan heb ik makkelijk praten. Er is een transitieprobleem en dat vergt een totaaloplossing.

'Nieuwe lasten en inkomensonzekerheid vormen daarbij een blijvend risico en de overheid heeft daarin een grote verantwoordelijkheid. Ik prijs de ondernemersgeest van agrariërs, maar dit vereist ook politieke daadkracht. Individuele boeren kunnen worden gemangeld in zo'n transitie. Daarom heeft een overheid wisselgeld nodig.'


Wat zou u boeren persoonlijk mee willen geven voor hun bedrijfsvoering in de toekomst?

'Doe alles wat helpt op je boerenerf. Houd niet koste wat kost vast aan niet-essentiële zaken. Wees daar kritisch op in je bedrijfsvoering. Vaak speelt emotie of traditie hier een rol in. Beweeg waar nodig en verdiep je kennis en kunde. De boeren zelf, jong en oud, zijn niet zonder verantwoordelijkheid.

'Kijk naar je toegevoegde waarde gedeeld door de externe effecten, ofwel je vervuiling. Die ratio wil je zo hoog mogelijk hebben. Ook Den Haag moet hierop sturen, voorzien van de juiste cijfers. Dit is cruciaal. Je zou verwachten dat deze statistiek overigens al bestaat voor Nederland, maar dit bleek niet zo te zijn.

'In het Sustainable Finance Lab (SFL) werken we hier nu aan. Dit kwam eigenlijk plotseling voort uit de coronacrisis, omdat de overheid vroeg: 'Wie gaan we redden en wie niet en via welke methodiek?' Het lijkt op de land- en tuinbouw: één plus één moet meer zijn dan twee. Dan heb je toekomst.'


Arnoud Boot (1960) is hoogleraar ondernemingsfinanciering en financiële markten aan de Universiteit van Amsterdam. Hij is lid van de Koninklijke Nederlandse Akademie van Wetenschappen (KNAW). Eerder was Boot kroonlid van de Sociaal-Economische Raad (SER) en voorzitter van de Bankraad. Naast zijn wetenschappelijk werk is hij actief als commissaris, adviseur en auteur en treedt hij op als deskundige in actualiteitenrubrieken op radio en televisie. Hij publiceerde in toonaangevende internationale wetenschappelijke tijdschriften. In 2016 presenteerde de Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid (WRR) waarvoor hij Raadslid is onder zijn leiding het rapport 'Samenleving en financiële sector in evenwicht' aan de regering, waarin een pleidooi tot reducering van de kwetsbaarheid van de samenleving ten opzichte van de financiële sector centraal staat. Dit is iets wat boeren, die doorgaans forse financieringslasten meetorsen, misschien zal aanspreken. Zij vervullen tenslotte een sleutelrol in de voedselvoorziening van diezelfde samenleving.

Bekijk meer over:

Weer

  • Donderdag
    16° / 14°
    70 %
  • Vrijdag
    16° / 7°
    30 %
  • Zaterdag
    14° / 11°
    50 %
Meer weer