Ondergrondse wateropslag moet gewassen overeind houden
Onomkeerbare gewasschade en fors lagere opbrengsten door extreme droogte, bodemdaling, verzilting of wateroverlast door hevige regenval. De land- en tuinbouw staat voor steeds grotere uitdagingen. Ligt de toekomst voor voldoende water van goede kwaliteit onder onze voeten?
Afgelopen zomer liet opnieuw zien dat het vasthouden van zoet water steeds belangrijker wordt. Door de langdurige extreme droogte, die al in het voorjaar begon, kregen veel agrarisch ondernemers te maken met gewasschade en fors lagere opbrengsten. Terwijl akkerbouwgewassen het door de droogte dit jaar zwaar te verduren hadden, stond de grasgroei in de melkveehouderij in grote delen van Nederland bijna stil. Dat gebeurde na een goede eerste snede en een matige tweede snede.
De grondwateronttrekkings- en beregeningsverboden die verschillende waterschappen in juni, juli en augustus instelden, hielpen niet mee. Pas na half augustus kregen de gewassen een boost na een flinke regenval.
De droogteproblematiek keert jaarlijks terug en wordt steeds ingrijpender
‘Droogte is allang niet meer een incidenteel verschijnsel. Het keert jaarlijks terug en wordt steeds ingrijpender’, zegt gedeputeerde Arno Vael (BBB) van Zeeland. ‘De schade aan landbouwgewassen neemt behoorlijk toe. De opbrengsten van met name akkerbouwteelten worden alsmaar lager.’
Volgens Vael is Zeeland een echte akkerbouwprovincie. ‘Maar we zijn omgeven door zout water. Er lopen geen rivieren door onze provincie. We zijn afhankelijk van hemelwater. Droogte vormt daardoor een directe bedreiging’, vertelt hij.
Schoon water onmisbaar
‘Voor plantaardige productie heb je zoet water nodig’, gaat de gedeputeerde verder. ‘Of je nu gangbaar, biologisch of regeneratief teelt, zonder zoet water ben je nergens. De beschikbaarheid van kwalitatief goed en schoon water is onmisbaar, maar dat aandeel wordt steeds lager’, constateert hij.
Steeds meer agrarisch ondernemers passen daardoor hun teeltplan aan. ‘Voorheen waren wij de provincie met het grootste aandeel uien, maar dat aantal is in de afgelopen jaren behoorlijk teruggedrongen. De beschikbaarheid van voldoende zoet water is daar de aanleiding van’, zegt Vael.
Droogte en laagwater kwamen de afgelopen eeuw vaker voor, maar Rijkswaterstaat noemt de situatie dit jaar uitzonderlijk en spreekt over een ‘historisch droog jaar’. Door de droogte stroomde nog nooit zo weinig water door de Rijn. Ook de afvoer van de Maas was laag. Daarnaast waren de grondwaterstanden op de meeste plaatsen laag tot extreem laag en daalde het waterpeil van het IJsselmeer. Op advies van de Landelijke Coördinatiecommissie Waterverdeling schaalde Nederland op 16 juli op naar niveau 2: feitelijk watertekort.
Bodeminfiltratie
Om het watertekort op te vangen, investeren steeds meer agrarisch ondernemers, provincies, gemeenten en andere partijen in bodeminfiltratie. Bekende en al langer bestaande voorbeelden zijn projecten zoals de ondergrondse wateropslag op het Waddeneiland Texel en de boven- en ondergrondse wateropslag in het Groningse Termunten om verdroging en verzilting tegen te gaan.
Ook bij de Tweede Kamer staat dit onderwerp hoog op de politieke agenda. Zo vraagt zij om maatregelen als bodeminfiltratie, waarmee watertekorten voor de landbouw bij een volgende droge zomer kunnen worden voorkomen. Dat blijkt uit moties die onlangs met grote steun werden ingediend tijdens een debat over het waterbeleid.
Onderzoek
‘Het is goed dat hier steeds meer aandacht voor komt en dat verschillende partijen daar geld voor vrijmaken’, zegt Vael. ‘Ook wij zetten daarop in.’ Volgens de gedeputeerde zijn op dit vlak veel mogelijkheden. Provincie Zeeland doet zelf onderzoek naar de ondergrondse opslag van overtollig zoet water voor een toekomstbestendige zoetwatervoorziening. Daarvoor is bijna 2 miljoen euro vrijgemaakt.
De vijfjarige proef die provincie Zeeland deze zomer in de steigers heeft gezet, is een inspiratiebron voor provincie Friesland. Terwijl Zeeland vooral vanuit droogte en zoetwatertekorten redeneert, ligt in Friesland de nadruk op bodemdaling en verzilting van landbouwgrond. ‘Ondernemers in het noordoostelijke deel van Friesland hebben daarmee te maken’, zegt Piet Regnerus, adviseur landbouw, tuinbouw en visserij bij gemeente Noardeast-Fryslân. Daar worden veel akkerbouwgewassen geteeld, maar liggen bodemdaling, verzilting en verdroging op de loer.
De gemeente onderzoekt de mogelijkheden voor een ondergrondse wateropslag, vertelt Regnerus. ‘Door bodemdaling wordt water bij hevige regenval minder goed opgenomen. Dat zorgt voor overlast, terwijl we in droge periodes dit water goed kunnen gebruiken. Het water kunnen we in een ondergrondse wateropslag opvangen en ‘veiligstellen’ voor de droge periodes wanneer zoet water hard nodig is.’
‘Bodeminfiltratie gaat de akkerbouwteelt helpen’
Hoe kunnen we naar de toekomst toe kwalitatief goed en schoon water vasthouden voor de teelt van onze gewassen? Provincie Zeeland onderzoekt in een vijfjarige praktijkproef de mogelijkheden. ‘We zijn een echte akkerbouwprovincie en willen dat ook graag blijven’, zegt gedeputeerde Arno Vael (BBB).
In de vijfjarige praktijkproef Wolphaartswater onderzoekt de provincie vanaf dit jaar met samenwerkende partijen en agrarisch ondernemers de mogelijkheden voor een ondergrondse wateropslag. Daarmee hopen de samenwerkende partijen dat het neerslagoverschot dat in de winter uit de Westkerke- en Westerlandpolder wordt afgevoerd, ondergronds kan worden opgeslagen.
De provincie trekt bijna 2 miljoen euro uit voor het project. Het Rijk draagt vanuit het Deltafonds 1.461.570 euro bij. Samen met bijdragen van betrokken agrariërs en grondeigenaar ASR Dutch Farmland Fund komt het budget uit op 3.476.570 euro. Het doel is om grootschalige infiltratie van afgevangen en gezuiverd polderwater te testen in de praktijk, met verschillende systemen. ‘Op die manier hopen we een zoete bel te creëren in het diepe zandige pakket, wat van nature zout is. Omdat dit gebied afgesloten is met een ‘dekseltje’ van klei, kun je in theorie veel water kwijt’, legt Vael uit.
600 hectare
Het gaat om een gebied van 600 hectare. ‘Het polderwater dat we ondergronds willen opslaan, kunnen we in droge perioden, zoals afgelopen zomer, weer inzetten voor de irrigatie van landbouwgewassen.’ De provincie Zeeland hoopt in de winter van 2027 of 2028 water te kunnen infiltreren.
‘Dat is nodig’, stelt Vael. ‘Ondanks het regenwater dat inmiddels is gevallen, is de bodem nog steeds droog. Akkerbouwgewassen hebben het zwaar. De schade is fors, de opbrengsten zijn laag. We krijgen steeds vaker te maken met langere en extreme perioden van droogte en de gevolgen worden groter. Er lopen geen zoetwaterrivieren door onze provincie. Daarom is beregenen geen optie.’
‘We worden steeds afhankelijker van regenwater’
Hoe richten we ons land zo in dat we meer water kunnen opslaan en minder afhankelijk worden van het IJsselmeer? Voor dat vraagstuk zijn de waterschappen aan zet. ‘De kans dat we steeds minder vanuit het IJsselmeer kunnen inlaten, wordt groter’, vertelt dagelijks bestuurder Alice van Gosliga van Wetterskip Fryslân.
De opdracht vanuit het Rijk voor de waterschappen is helder: onderzoek hoe we naar de toekomst toe meer zoet water kunnen vasthouden. ‘Zodat we in tijden van krapte niet gelijk aanspraak hoeven te maken op het IJsselmeerwater’, legt Van Gosliga uit. Want die krapte neemt wel degelijk toe, weet de waterschapsbestuurder. ‘Dat hebben we deze zomer nadrukkelijk gezien.’
Waar andere waterschappen grondwateronttrekkings- en beregeningsverboden instelden, was dat in Friesland niet nodig. ‘We hadden eerder al extra water vastgehouden in de boezem en de polders door het waterpeil te verhogen. Daar konden we de extreem droge zomerperiode mee overbruggen. Gelukkig kregen we op het juiste moment regenwater. Anders hadden ook wij mogelijk maatregelen moeten treffen’, blikt zij terug.
Structurele oplossingen
Volgens Van Gosliga is de blijvende aanvoer van voldoende IJsselmeerwater niet vanzelfsprekend. En daar waar de zoetwaterbehoefte alsmaar groter wordt, neemt de beschikbaarheid af. ‘We worden steeds afhankelijker van regenwater. De aanvoer via de Rijn en IJssel neemt af en dat betekent dat we naar goede en structurele oplossingen moeten kijken die per gebied kunnen verschillen.’
Want wat op de klei werkt, werkt misschien niet op veen of de hoge zandgronden. Wetterskip Fryslân is daarom betrokken bij de ondergrondse wateropslag in Noardeast-Fryslân. Ook onderzoekt het waterschap hoe zij water langer kan vasthouden door sloten ondieper te maken. Daarnaast kunnen grondeigenaren op de Friese zandgronden subsidie krijgen voor het plaatsen van stuwen in sloten waarmee zij meer water kunnen vasthouden.
‘We willen bodemdaling en verzilting tegengaan’
De praktijkproef in Zeeland vormt een belangrijke inspiratiebron voor de gemeente Noardeast-Fryslân. Waar het project Wolphaartswater in Zeeland ontstaan is vanuit de droogteproblematiek, speelt in het noordoosten van Friesland bodemdaling een belangrijke rol.
‘Ook binnen onze gemeentegrenzen worden veel akkerbouwgewassen geteeld. We beschikken over goede, vruchtbare gronden, maar bodemdaling vormt steeds meer een bedreiging’, zegt Pieter Braaksma, wethouder van Noardeast-Fryslân. Afgevaardigden van de gemeente, onder wie Braaksma, het waterschap en de provincie Friesland, reisden onlangs voor een werkbezoek af naar de provincie Zeeland.
‘Om van gedachten te wisselen, kennis op te doen en ervaringen met elkaar te delen’, legt Braaksma uit. Door bodemdaling, die veroorzaakt wordt door gaswinning, krijgen steeds meer akkerbouwers te maken met verzilting van de landbouwgrond. Daardoor ontstaat zoutschade. Een ondergrondse wateropslag, dat een verder dalend grondwaterpeil moet voorkomen, moet dat tij keren.
Dalend grondwaterpeil
‘In de toekomst komt namelijk steeds minder water vanuit het IJsselmeer onze kant op. Tegelijkertijd krijgen we steeds vaker te maken met zware hoosbuien, maar de grond kan al dat water niet zo snel verwerken. Dat zorgt voor overlast.’
‘Dit water willen we daarom ondergronds opvangen, zodat het grondwaterpeil niet verder daalt’, gaat Braaksma verder. ‘In de zomermaanden kunnen we het water, dat eerst door een filtersysteem gaat, gebruiken voor het beregenen van akkerbouwgewassen. Want beregenen met oppervlaktewater is door de bruinrotbacterie geen optie voor de pootaardappelteelt in onze gemeente.’
Daarnaast kan phytophthora bij aardappelen ontstaan, weet Braaksma. ‘Daarmee krijgt de ondergrondse wateropslag in onze gemeente een dubbelfunctie. De plannen zijn er, de locatie is er, nu de uitvoering nog’, besluit hij.
Bekijk meer over:
Lees ook
Marktprijzen
Meer marktprijzen
Laatste nieuws
Nieuwste video's
Kennispartners
Meest gelezen
Nieuw op MechanisatieMarkt.nl
-

New Holland BOOMER 25
2019, P.O.A.
-

KUHN GF 13002 SCHUDDER
Gebruikt, P.O.A.
-

John Deere 7600 (EMA) #696750
Gebruikt, P.O.A.
-

Kuhn FC280F Frontmaaier
1999, € 2.200
Vacatures
Ondernemer/ Bedrijfsleider Fruitteelt (met participatie mogelijkheid)
Landgilde - Goirle
Vakspecialist / Docent Teelt
Lentiz MBO Middelharnis - Sommelsdijk
Medewerker schadeverzekeringen
Vereinigte Hagel agrarische verzekeringsmaatschappij - Smilde, Midden-Drenthe
Directeur
BoerenNatuur Zuid-Hollandse Delta - Westmaas, Nederland
Weer
-
Zaterdag13° / 10°100 %
-
Zondag13° / 9°100 %
-
Maandag12° / 8°65 %
















