Boerin is vaker baas op de boerderij

De Nederlandse landbouwsector feminiseert, blijkt uit onderzoek van Nieuwe Oogst. Steeds vaker kiezen dochters voor overname van het boerenbedrijf of de tuinderij. Het aantal vrouwelijke studenten op landbouwopleidingen neemt eveneens toe. Een ontwikkeling die de sector kan veranderen, omdat vrouwen andere keuzes maken in de bedrijfsvoering.

Twee van de vier dochters van de familie Huisman in het Noord-Hollandse Wieringerwerf willen graag de melkveehouderij overnemen. De 23-jarige Iris is de oudste. Ze zit sinds dit jaar bij haar ouders in de maatschap. Haar toekomstideaal is een melkvee- en tulpenbedrijf runnen dat de boer-burgerverbinding versterkt. Het bedrijf moet zeker niet te groot worden, beklemtoont ze. ‘Het moet de burger niet afschrikken.’

Steeds meer boerendochters zoals Iris overwegen het boerenbedrijf van hun ouders over te nemen. Het gebrek aan mannelijke opvolgers geeft de boerinnen ruimte. Maar ook de vergaande mechanisering in de land- en tuinbouw maken het werk op de boerderij fysiek makkelijker en daarom aantrekkelijker voor vrouwen.

Uit onderzoek dat Nieuwe Oogst eind november uitvoerde onder bijna tweeduizend boeren en tuinders in het Nieuwe Oogst Opiniepanel blijkt dat 29 procent een opvolger heeft. 84 procent daarvan heeft een mannelijke opvolger en ruim 16 procent een vrouwelijke. Dat lijkt niet veel, maar van de respondenten die aangeven zelf het bedrijf te willen overnemen, is 37 procent vrouw. De groep bedrijfsopvolgers die meededen aan de enquête is 14 procent van het totaal.

Het zou me niet verbazen als vrouwen een sterkere rol gaan spelen bij de transitie van de agrarische sector

Willemien Koning, voorzitter LTO Vrouw en Bedrijf


Gecombineerd met de stijgende aantallen vrouwelijke studenten op agrarische opleidingen, lijkt een feminisering van de agrarische sector slechts een kwestie van tijd. En dat ziet de sector zelf ook. Een meerderheid (62 procent) van de boeren en boerinnen heeft het idee dat er nu al meer vrouwen als eigenaar of bedrijfsleider van een agrarisch bedrijf aan de slag zijn dan tien jaar geleden.



Een meerderheid ervaart gelijke kansen voor vrouwen in de agrarische sector. Toch is de ervaring van een deel van de vrouwen dat zij minder economische kansen hebben dan mannen. De meeste mannen denken dat vrouwen volledig worden geaccepteerd in de sector, maar een groter deel van de vrouwen ervaart dat helemaal niet zo. Kennelijk ervaren mannen de agrarische sector als meer gelijkwaardig dan vrouwen.


Niet serieus genomen

Volgens de 28-jarige zorgboerin Veerle van den Hove in Limburg weten haar cliënten niet beter en spreken ze de jonge ondernemer steevast aan met ‘boerin’. ‘Dat kan ik wel waarderen’, zegt ze. Erfbetreders kijken veelal toch anders tegen haar aan. Daardoor voelt ze zich niet altijd serieus genomen. ‘Mannen benaderen eerst mijn vader, terwijl ze weten dat ik de eigenaar ben. Of ze raden me aan een kwestie met mijn vader te bespreken, voordat ik een besluit neem. Ik weet dat het een ingesleten gewoonte is, daarom negeer ik zo’n opmerking meestal.’

Het valt hoogleraar plattelandsontwikkeling Bettina Bock van Wageningen University & Research (WUR) op dat veel boerinnen en tuindersvrouwen een formele rol vervullen. Doorgaans in de vorm van een man-vrouwmaatschap, vof met echtgenote of dochter-vadermaatschap. ‘Het gaat om bijna 40 procent en dat is heel veel’, is haar reactie op de onderzoeksuitkomst.



Bedrijfsovername is voor vrouwen makkelijker geworden, omdat de bedrijven zijn gegroeid en meer personeel hebben, dat geeft de optie tot delegeren. Bock: ‘De ouderwetse normen en waarden van ‘de boerin blijft voor en de boer werkt achter’ zie je niet sterk meer terug.’

Natuurlijk kunnen vrouwen een bedrijf runnen, wordt er door de respondenten gezegd. Er is zelfs veel aversie tegen het maken van onderscheid. ‘De wereld is geëmancipeerd, het geslacht doet er niet meer toe’, zo luiden reacties van meerdere ondervraagden.


Andere behandeling

Tegelijkertijd zeggen de respondenten wel dat mannen meer spierkracht hebben, beter zijn in ‘business’ en meer gevoel hebben voor techniek. Ook blijkt dat vrouwen zich soms onderschat voelen, vooral bij erfbetreders zoals banken. ‘Sommigen zeggen dat ze anders worden behandeld in vergelijking met mannen.’ Ondervraagden geven aan dat vrouwen gerust een bedrijf kunnen overnemen, maar wel met een betrokken partner ernaast. ‘Opvallend’, zegt Bock. ‘Want geldt dat andersom ook?’

Het verbaast de hoogleraar dat het maar liefst 95 procent van de respondenten niet uitmaakt of de bedrijfsopvolger een man of vrouw is. ‘Er wordt ook waardering uitgesproken voor de vrouwelijke opvolger.’


© Ruud Ploeg

Acht op de tien ondervraagden zegt dat de kansen voor vrouwelijke ondernemers in de agrarische sector nu beter zijn dan twintig jaar geleden. Emancipatie is meer geaccepteerd, er zijn meer (rol)voorbeelden, vrouwen zijn beter opgeleid en door automatisering en techniek is het werk minder zwaar.


‘Het enige meisje’

De 16-jarige Eline Kranenburg, dochter van een akkerbouwer in Spijkenisse en potentiële bedrijfsopvolger, verwoordde het als volgt: ‘Voor de coronacrisis ging ik in mijn vakantie mee naar telersbijeenkomsten, zoals een excursie over agrarisch natuurbeheer en een informatiebijeenkomst over gewasbeschermingsmiddelen. Ik ben daar het enige meisje. Dat vind ik grappig. Iedereen lacht vriendelijk naar me. Ik leer er veel.’ De Zuid-Hollandse scholier wil volgend jaar Akkerbouw gaan studeren aan de Aeres Hogeschool in Dronten.

Net als Eline vinden steeds meer vrouwen hun weg naar een agrarische opleiding. Dat geldt voor zowel mbo- en hbo- als universitaire opleidingen, blijkt uit een rondgang. De cijfers van Dienst Uitvoering Onderwijs (DUO) laten zien dat, hoewel de verhouding tussen mannelijke en vrouwelijke studenten per studierichting behoorlijk kunnen verschillen, er toch een duidelijke trend waarneembaar is. Zo nam het percentage vrouwelijke mbo-studenten op groene opleidingen toe van 44 in 2005 tot 51 in 2019.



Op het hbo nam het percentage vrouwelijke studenten toe tot 45 in 2019. Het valt op dat de opleidingen Diermanagement en Dier- en veehouderij het meest in de smaak vallen bij vrouwelijke studenten. Bedrijfskunde en Agribusiness zijn grotendeels een mannenaangelegenheid.


Animal Sciences in trek

Op alle aan de landbouw gerelateerde studies aan WUR is het aandeel vrouwelijke studenten al tien jaar lang minimaal 55 procent. De opleiding Animal Sciences is het meest in trek bij vrouwen, sinds 2001 is 70 procent van de studenten vrouw. Naast de studierichtingen die betrekkingen hebben op dieren en diergezondheid trekt bijvoorbeeld ook een studie als Organic Agriculture meer vrouwen (55 procent) dan mannen.


© Ruud Ploeg

De studierichting van WUR met het hoogste aandeel mannelijke studenten is Agrotechnologie. Hiervoor hebben zich sinds 2001 slechts 51 vrouwen aangemeld ofwel nog geen 10 procent van het totaal van 525 studenten. Andere landbouwgerelateerde studies die mannen vaker kiezen dan vrouwen zijn Plantenwetenschappen en Plant Biotechnology.


Opmars geen gemeengoed

Toch is de opmars van vrouwelijke bedrijfshoofden in de land- en tuinbouw nog geen gemeengoed. Er zijn bovendien nog steeds mannen die minder snel iets van een vrouw aannemen dan van een man, ervaart de 20-jarige Sam Fianen van hortensiakwekerij Lendert de Vos in Reeuwijk.

‘Monteurs vragen me waarom ik niet in huis werk. Of dat een grapje is? Nou, er zit echt een serieuze ondertoon achter’, zegt de Zuid-Hollandse hortensiakweker. ‘Wij moeten met de tijd mee als bedrijf. Maar zij hebben daar moeite mee. Dat ligt niet aan mij, dat ligt aan de mannen zelf. Ik kan steeds beter omgaan met dit soort reacties. Vroeger stond ik nog weleens met mijn mond vol tanden. Nu denk ik, wacht maar, ik kom jou nog wel tegen.’

In het onderzoek zijn verschillende vragen gesteld over het beeld van vrouwelijke ondernemers dat bij de buitenwacht bestaat. Mannen zijn hier positiever over dan vrouwen. Zo geeft 56 procent van de mannen aan dat vrouwelijke ondernemers in de agrarische sector volledig zijn geaccepteerd. Vrouwen zelf ervaren dit anders. Van deze groep denkt 39 procent dat vrouwen volledig zijn geaccepteerd. De groep die de acceptatie als ‘onwennig’ omschrijft, is bij zowel mannen als vrouwen ongeveer 40 procent.



Het bekende ‘vragen naar de baas’ door erfbetreders wordt nog regelmatig genoemd als het gaat over de acceptatie van vrouwelijke ondernemers in de landbouw. Een boerin geeft aan dat ze kort na de bedrijfsovername nog weleens werd gezien als de koffiejuffrouw. Na het onwennige begin merkt ze nu wel meer acceptatie. En bij een bedrijfseconomisch besluit werd aan een vrouwelijke ondernemer een keer gevraagd of ze wel in haar eentje zo’n belangrijk besluit kon nemen en of ze niet even moest overleggen.

Judith van Helvert, associate lector familiebedrijven bij het landelijk expertisecentrum familiebedrijven van Hogeschool Windesheim, beaamt dit. ‘De vanzelfsprekendheid dat de man voorgaat, zit er in de agrarische sector nog sterk in.’ En het wordt volgens haar nog steeds gezien als vanzelfsprekend dat de zoon of oudste het bedrijf overneemt.


Sterke ouder-kindrelatie

‘Ik heb het idee dat de ouder-kindrelatie in deze sector ook steviger is en blijft’, vervolgt Van Helvert. ‘De jongere generatie maakt zich minder snel los van de ouders dan in andere familiebedrijven, het duurt langer voordat de relatie gelijkwaardig wordt. De stem van de ouders blijft langer doorslaggevend, vandaar dat de vrouwelijke bedrijfsopvolgers misschien minder kans krijgen.’

Wel signaleert Van Helvert dat de invloed van vrouwen in de bedrijfsvoering toeneemt. Al hangt dit wel af van de ruimte die ze krijgen van de partner en schoonouders. ‘Vrouwen spelen vooral een belangrijke rol bij het ontwikkelen van aanvullende bedrijfsactiviteiten, zoals kinderopvang, horeca, recreatie of ouderenzorg op het bedrijf. Vrouwen zijn op dit gebied vaak de aanjager.’

Je ziet volgens Van Helvert ook vaker dat een multifunctionele tak wordt uitgebouwd tot kernactiviteit en dat de oorspronkelijke agrarische tak wordt afgebouwd. ‘Op dit soort bedrijven behouden de vrouwen de voortrekkersrol en positioneren ze zich in ieder geval naar buiten toe als bedrijfshoofd.’


Meer naar voren treden

Voorzitter Willemien Koning van de commissie Vrouw en Bedrijf van LTO bevestigt het beeld dat het onderzoek van Nieuwe Oogst schetst. Zij ziet in haar omgeving steeds meer jonge vrouwen die het ouderlijk bedrijf gaan overnemen. ‘Al blijkt dat uit de cijfers nog niet heel erg. Misschien dat ze nu wat meer naar voren treden.’

Bij de cijfers plaatst Koning overigens wel een kanttekening. ‘Vrouwen in de agrarische sector werken vaak in een man-vrouwmaatschap, ook als de vrouw eigenlijk degene is die het bedrijf leidt. Maar in Europees verband rekent men maar met één vertegenwoordiger van een agrarisch bedrijf. Dat is dan degene die de meeste arbeid in het bedrijf verricht of de oudste in de maatschap. Dat zijn vaak de mannen. Op die manier verdwijnen vrouwen uit de statistieken.’



Koning denkt dat vrouwen ook steeds meer in staat zijn een bedrijf te leiden, doordat ze steeds hoger zijn opgeleid. Dat is een ontwikkeling die in de hele maatschappij is te zien. ‘Wat dat betreft verschilt de land- en tuinbouw niet van de rest van de maatschappij. Voorbeeldrollen van vrouwen in banen en op posities die vroeger niet voorkwamen, zijn nu in de hele samenleving zichtbaar. Het wordt geaccepteerd, het is gemakkelijker. Dat is deels te danken aan steeds verdergaande mechanisatie. Lichamelijk gezien wordt het boerenwerk gemakkelijker.’


Minder fysiek werk

De argumenten van Koning komen overeen met de uitkomsten van het Nieuwe Oogst-onderzoek. Veel van de ondervraagden geven als verklaring voor de betere kansen voor vrouwelijke ondernemers de voortgang van de automatisering en de mechanisatie op landbouwbedrijven. Het werk is volgens hen lichter geworden en dus minder fysiek en daarmee meer geschikt voor vrouwen.


© Ruud Ploeg

Onderzoeker Harm Wemmenhove van Wageningen Livestock Research is het niet helemaal met Koning eens. Volgens hem is bijvoorbeeld de melkrobot geen reden dat er meer vrouwelijke bedrijfsopvolgers zijn. ‘Natuurlijk, de fysieke arbeid op het bedrijf wordt minder. Maar een bedrijf overnemen doe je vanuit je hart, er komt meer bij kijken.’


Combinatie met gezinsleven

Wemmenhove meent dat het automatische melksysteem bij de meesten dus niet de doorslag zal geven. Het combineren van het bedrijf met het gezinsleven wel. ‘Het bedrijf is beter te combineren met het gezinsleven. En dat is voor vrouwen heel belangrijk.’ Hij ziet bijvoorbeeld dat vrouwen makkelijker dan vroeger de taken op het bedrijf overnemen, zodat hun man een paar dagen buitenshuis kan werken.

Met de melkveehouderij is ook meteen de sector genoemd met de meeste vrouwen aan het roer. Dat ziet ook adviseur Jan Lucas Spijkman van Countus accountants en adviseurs. ‘In de akkerbouw zie je ze al helemaal niet, in de varkens- en pluimveehouderij mondjesmaat.’


Belangrijke positie

Dat wil niet zeggen dat de vrouw geen belangrijke rol vervult op het agrarische bedrijf, benadrukt Spijkman. Integendeel, ze zijn volgens hem juist heel betrokken en vervullen een belangrijke positie. Bij investeringsplannen zijn ze kritisch. ‘Ze zorgen voor balans tussen het bedrijf en privé. Ook relativeren vrouwen nogal eens de woeste, impulsieve plannen van hun partner.’

Ook in de tuinbouwsector zijn het vooral mannen die de touwtjes in handen hebben. ‘Het is een erfenis van voorgaande jaren. Dit hardnekkige patroon verander je niet zomaar’, zegt Frank Hollaar, sectorleider tuinbouw bij Flynth accountants en adviseurs. ‘Een gemiste kans, want vrouwen zijn absoluut noodzakelijk voor een gezonde toekomst van een tuinbouwbedrijf.’


© Ruud Ploeg

Het zou volgens Hollaar meer moeten worden gestimuleerd dat vrouwen een bedrijf overnemen of in het management komen. ‘Een managementteam met louter mannen functioneert heel anders. Je mist nogal eens de diversiteit. De mannen zijn soms nog net geen klonen van elkaar. Ze zijn competitiever.’


Succesvolle bedrijven

Vrouwen kunnen daar volgens de adviseur van Flynth balans in brengen. ‘Ze zijn vaak creatiever, hebben oog voor het creëren van meerwaarde op de lange termijn en zijn vaak goed in arbeidszaken.’ De bedrijven waar een vrouw wel de touwtjes in handen heeft, zijn heel succesvol, stelt Hollaar. ‘Ze worden geweldig gewaardeerd. Ook door mannen.’

Als het gaat over de kansen in de agrarische sectoren wordt door enkele pessimisten opgemerkt dat de toekomst sowieso voor geen enkele ondernemer rooskleurig is. Een vrouwelijke ondernemer liet weten al 25 jaar de scepter te zwaaien op een landbouwbedrijf. Zij heeft nooit iets gemerkt van minder kansen. ‘Het gaat er vooral om hoe je jezelf presenteert’, geeft zij als commentaar.


Economische positie

De meerderheid van de mannen (57 procent) stelt dat er geen verschil is tussen de economische posities van mannelijke en vrouwelijke ondernemers in de landbouw. Bij de vrouwen is dit 41 procent. De overige respondenten hebben hier geen mening over. Van de vrouwen ervaart 22 procent dat er onderscheid is, tegen 11 procent van de mannen. Vrouwen raden andere vrouwen wel vaker aan een landbouwbedrijf over te nemen. 76 procent van de vrouwen doet dit, tegenover 67 procent van de mannen.

Bij enkele geënquêteerden bestaat de indruk dat mannen bij bijvoorbeeld banken meer gedaan krijgen. Veel ondernemers die de vragen van Nieuwe Oogst hebben beantwoord, geven aan het verschil niet te herkennen en vinden ook dat er geen verschil zou moeten zijn. Een ondervraagde verklaart dat de economische positie van een bedrijf afhangt van de keuzes die zijn gemaakt, of je nu man of vrouw bent.


Meer natuurinclusief

Een randvoorwaarde om het bedrijf voort te zetten, is voor de 28-jarige Simone Uijttewaal dat ze het op een meer natuurinclusieve manier kan runnen. Haar moeder heeft een melkveehouderij in het Gelderse Horssen. ‘Ik wil graag meer aan kringlooplandbouw doen, minder kunstmest strooien, zoals mijn moeder nu al doet, en meer met de bodem doen. We moeten goed voor de bodem en de lucht zorgen. Maar ook mensen naar het bedrijf halen via een melktap aan de weg of yogales in een weiland zie ik zitten.’


© Ruud Ploeg

Volgens WUR-hoogleraar Bock nemen vrouwelijke boerinnen vaak de leiding op multifunctionele bedrijven. ‘Die werkzaamheden sluiten beter aan bij hun interesses. Zo’n nieuwe tak begint vaak bij de vrouw, het is haar initiatief. Na verloop van tijd zie je dat het agrarische bedrijf zich aan die tak aanpast en de man er geleidelijk bij betrokken raakt.’


Mannenwereld

Bock noemt de agrarische sector een mannenwereld, waarin haantjes de boventoon voeren. ‘Of vrouwen zich daarbij op hun gemak en welkom voelen, is maar de vraag.’ Ondanks het ingesleten rolpatroon, verwacht ze dat vrouwen in de toekomst een belangrijkere rol gaan vervullen op het platteland. ‘De wereld is iets liberaler geworden. Boeren zijn allang blij dat iemand het bedrijf wil overnemen, dochters krijgen nu eerder een kans.’

Bock voegt daaraan toe dat vrouwen wereldwijd een stevigere positie gaan innemen op land- en tuinbouwbedrijven. Vooral op bedrijven met een multifunctionele tak. ‘Noem het de nieuwerwetse bedrijven waar de aandacht niet op bulk maar op kwaliteit ligt. Denk bijvoorbeeld aan de jonge vrouwen in de wijnbouw die kwaliteitswijnen produceren. In Zuid-Europese landen zie je dat al vaker.’ Volgens de WUR-hoogleraar wil de Europese Unie dit soort agrarische bedrijven stimuleren, mede om de leefbaarheid van het platteland te behouden. ‘Er is ruimte voor ambitieuze jonge vrouwen van binnen of buiten de sector.’

LTO Vrouw en Bedrijf-voorzitter Koning sluit zich daarbij aan. ‘Wat ik in het buitenland zie, is dat vrouwen daar vooral de wat kleinschaligere land- en tuinbouwbedrijven leiden. Meer de menselijke maat en sterk gericht op de consument. Of de Nederlandse vrouwelijke bedrijfsopvolgers ook dat soort keuzes maken, weet ik niet. Ik ben wel benieuwd of ze een nieuwe koers gaan kiezen of het bedrijf op de oude voet voortzetten. En of ze ook een sterkere rol gaan spelen bij de transitie van de agrarische sector. Dat zou me eerlijk gezegd niet verbazen.’


Dit artikel is onderdeel van een reeks verhalen over vrouwelijke bedrijfsopvolgers uit de speciale eindejaarsspecial van Nieuwe Oogst. Op Nieuweoogst.nl verschijnen de komende tijd verschillende interviews en video's over dit thema. Volg ze op nieuweoogst.nl/boerinnen .

Weer

  • Woensdag
    22° / 15°
    75 %
  • Donderdag
    21° / 14°
    65 %
  • Vrijdag
    20° / 13°
    60 %
Meer weer