Organisaties+pleiten+voor+vrijwillige+AM%2Dbemonstering
Nieuws
© Nieuwe Oogst

Organisaties pleiten voor vrijwillige AM-bemonstering

Voor een duurzame beheersingsstrategie van aardappelmoeheid (AM) adviseren Avebe, TBM en LTO aardappeltelers in Noordoost-Nederland om een vrijwillige bemonstering te laten uitvoeren.

Kennis van de uitgangssituatie van percelen is van belang om een eventuele besmetting door middel van een gerichte rassenkeuze te beheersen. Dat stellen Avebe, stichting Teeltbeschermingsmaatregelen Zetmeelaardappelen (TBM) en de werkgroep zetmeelaardappelen van LTO. Zij komen tot deze aanbeveling naar aanleiding van een bijeenkomst maandag in Westerbork voor teeltadviseurs. Daarin stond de aanpak van virulente G. pallida-populaties in met name Drenthe en Groningen centraal.

De bij die bijeenkomst aanwezige vertegenwoordigers van agrarische laboratoria melden dat er voldoende capaciteit is om de AM-analyses uit te voeren. Voor een juiste beoordeling is het advies om per kavel van 5 hectare minimaal 1 hectare te laten bemonsteren. Daarbij is het van belang om elke keer dezelfde hectare te bemonsteren.

Beste moment

Beste moment voor de bemonstering is direct na de aardappelteelt. De uitslag is dan op tijd bekend om het aardappelras met de juiste resistenties te kunnen kiezen. Ook is het mogelijk om op nieuwe ontwikkelingen in te spelen.

Uit het overleg met de teeltspecialisten in het zetmeelgebied kwam verder naar voren dat het geheel afschrijven van rassen met een relatief hoge vatbaarheid voor G. pallida-populaties voorbarig is. Als de AM-situatie op percelen het toelaat, kunnen ook gevoelige rassen nog succesvol worden geteeld.

Weer

  • Dinsdag
    10° / -2°
    10 %
  • Woensdag
    9° / -2°
    30 %
  • Donderdag
    9° / 2°
    20 %
Meer weer