Global GAP bant dierlijke mest

Binnen Global GAP versie 5 wordt het gebruik van onbewerkte dierlijke mest in plantaardige teelten behoorlijk beperkt.

Jan van Liere en Haijo DoddeIn de nieuwe certificeringsvoorwaarden is bepaald dat afhankelijk van het risiconiveau in de gewassen de periode tussen bemesting en oogst drie of zes maanden moet bedragen. Paul Bol, voorzitter van het Technische Comité van Global GAP, meldt dat de nieuwe regels gelden vanaf 1 juli 2016 voor een periode van vier jaar.
Hij acht het niet ondenkbaar dat er bij een volgende versie van Global GAP een volledig verbod komt op onbewerkte dierlijke mest. ‘Vooral de retail vindt dat aan dierlijke mest te veel voedselveiligheidsrisico’s kleven.’
Hans Huijbers, voorzitter van de LTO-werkgroep Mest en mineralen, noemt het een merkwaardig besluit om onbewerkte mest niet meer toe te staan. Hij vreest dat het effect is dat gewastelers meer kunstmest gaan gebruiken. Dat draagt niet bij aan de bodemvruchtbaarheid en een circulaire land- en tuinbouw. ‘Meer chemie dus in plaats van minder.’
De beperkingen treffen met name de tafelaardappelen en vollegrondsgroenten geteeld voor de verse markt. Voor groentetelers in Limburg en Brabant wordt het bijvoorbeeld moeilijker om land te huren bij veehouders als ze daarbij geen mest meer afnemen, verwacht Jan Roefs van de LTO-vakgroep Vollegrondsgroenten.
Christoffel den Herder, adviseur biolandbouw bij DLV Plant, voorspelt veel knelpunten in de biologische teelt. ‘De eis van zes maanden en ook drie maanden maakt toepassen van mest in veel gewassen vrijwel onmogelijk. Bovendien zijn er voor de biologische telers nauwelijks alternatieven.’

Weer

  • Donderdag
    11° / 0°
    20 %
  • Vrijdag
    10° / 3°
    30 %
  • Zaterdag
    13° / -1°
    10 %
Meer weer