Knolcyperus verspreidt zich snel in Duitsland

Knolcyperus verspreidt zich snel en groeit in Duitsland uit tot een steeds groter probleem. Het hardnekkige onkruid vormt ondergrondse knolletjes die gemakkelijk met grond worden verspreid. Vooral aardappelpercelen zijn kwetsbaar.

De ondergrondse knolletjes van knolcyperus helpen de plant te overwinteren./SHIFTTAB/Foto: Maartje van Berkel
© Maartje van Berkel

‘De ontwikkeling gaat snel’, waarschuwde onkruiddeskundige Maximilian Koppel van Landwirtschaftskammer Niedersachsen tijdens PotatoEurope in het Duitse Springe. In de deelstaat Nedersaksen kan het areaal landbouwgrond waarop knolcyperus voorkomt dit jaar oplopen tot 300.000 hectare. In 2025 ging het om 250.000 hectare.

Koppel riep boeren op alert te zijn en verdere verspreiding van het hardnekkige onkruid te voorkomen. In Nedersaksen wordt een perceel al als besmet beschouwd wanneer minimaal één plant is gevonden. De eerste grote besmettingen werden gevonden rond de steden Cloppenburg, Vechta en Osnabrück. Inmiddels zijn ook verder naar het oosten besmettingen vastgesteld.

Ook in Nederland komt knolcyperus voor. Volgens keuringsdienst NAK gold op 1 januari 2026 op ruim 1.075 hectare een teeltverbod vanwege het onkruid. De besmettingen zijn voornamelijk geconcentreerd in de provincies Noord-Brabant en Limburg. Volgens Koppel is het belangrijk om de plant te herkennen. De goudgele tot bruinachtige bloeiwijze en de driehoekige stengel zijn kenmerkend. Onder de grond vormt knolcyperus kleine knolletjes die voedingsstoffen opslaan. Daarmee kan de plant de winter overleven.

Lees ook: Drones helpen bij opsporing van knolcyperus

De rhizomen waaraan de knolletjes ontstaan, kunnen 30 à 40 centimeter diep in de bodem zitten. Vanaf een bodemtemperatuur van 10 tot 12 graden Celsius kunnen de knolletjes in het voorjaar weer uitlopen. Daardoor kunnen van april tot oktober nieuwe planten opkomen en blijft bestrijding lastig. ‘Zodra je één plant vindt, moet je handelen’, zegt Koppel. Wachten tot er meerdere planten staan is geen optie. ‘Liever twee keer van de trekker stappen en controleren dan één plant laten staan.’

Verspreidingsroute

Grond die aan machines blijft hangen, is een belangrijke verspreidingsroute. Daardoor wordt een besmetting naar een volgend perceel meegenomen. Op een aardappelperceel werd eerst één besmettingsnest gevonden. Een jaar later was de besmetting al flink uitgebreid. ‘Het probleem is dat je de knolletjes met de grond meeneemt. Vooral bij de aardappeloogst vormt dit een risico, omdat daarbij grote hoeveelheden grond worden verplaatst’, vertelt de onkruiddeskundige.

Daarom moeten besmette percelen als laatste worden bewerkt. Machines moeten vervolgens grondig worden gereinigd. ‘De machinehygiëne is een van de belangrijkste maatregelen die we hebben.’ Loonwerkers spelen ook een belangrijke rol bij het voorkomen van de verspreiding. De onkruiddeskundige raadt boeren aan om te bespreken op welke percelen een loonwerker werkt en of daar knolcyperus voorkomt. In gebieden waar het onkruid veel voorkomt, schaffen sommige boeren zelfs eigen machines aan om het risico op verspreiding via loonwerk te beperken.

Zorgvuldige afvoer

Bij een kleine besmetting adviseert Koppel om planten volledig uit te graven, het liefst tot aan de ploegzool. De plek moet daarna meerdere jaren worden gecontroleerd. Ook bij de afvoer van besmet materiaal is voorzichtigheid nodig. Professionele compostering kan een optie zijn. Daarvoor moet het materiaal minimaal zeven dagen een temperatuur van 60 graden Celsius of hoger bereiken. Over vergisting bestaat meer onzekerheid. In proeven bleken na 28 dagen in een mesofiele biogasinstallatie nog enkele knolletjes levensvatbaar.

Lees ook: Knolcyperus is in opmars: wat kun je doen?

Bij grote besmettingen met knolcyperuzijn de mogelijkheden beperkt. De onkruiddeskundige noemt twee tot drie jaar zwarte braak als een van de weinige mogelijkheden om de hoeveelheid knolletjes in de bodem te verlagen. Proeven laten een vermindering tot maximaal 90 procent zien. Een volledige sanering van een perceel is nog niet gelukt. ‘90 procent klinkt veel, maar die laatste 10 procent is het probleem’, stelt Koppel. Na zo’n saneringsperiode kunnen mais en winterrogge worden geteeld.

Terughoudendheid met gewassen

De onkruiddeskundige raadt aardappelen af, omdat het onkruid zich in de warme en beluchte grond van aardappelruggen bijzonder goed thuis voelt. Tegelijkertijd zijn voor aardappelen nauwelijks effectieve herbiciden beschikbaar. Bij zware besmettingen adviseert Koppel ook terughoudendheid met suikerbieten en andere wortelgewassen. Mais biedt meer mogelijkheden, omdat daarvoor effectieve herbiciden beschikbaar zijn. Wintergraan kan het onkruid onderdrukken, doordat het gewas in het voorjaar snel dichtgroeit. Rijpaden blijven daarbij een aandachtspunt.

Glyfosaat kan knolcyperus bovengronds sterk terugdringen, maar de ondergrondse knolletjes blijven zitten. Dat bleek ook uit een veldproef met een hoge dosering. Tien weken na de bespuiting stond het perceel alweer volledig groen. ‘We kunnen knolcyperus daarmee terugdringen, maar niet het probleem oplossen.’ Volgens Koppel ligt de sleutel daarom vooral bij preventie. ‘Als je wacht tot je een groot probleem hebt, dan ben je eigenlijk al te laat.’ Want eenmaal verspreid over een perceel is knolcyperus bijzonder moeilijk weer kwijt te raken.

Grasstrook kan verspreiding via afspoeling beperken
Ook afspoeling kan bijdragen aan de verspreiding van knolcyperus. Bij zware neerslag kunnen knolletjes met afstromend water vanaf een besmet perceel worden meegenomen naar een naastgelegen perceel. Een greppel is volgens onkruiddeskundige Maximilian Koppel niet altijd voldoende. Bij een lichte helling kan water over honderden meters samenkomen en de knolletjes verderop afzetten. Hij adviseert daarom om bij besmette percelen een brede grasstrook als buffer aan te leggen.
Die grasstrook kan het afstromende water afremmen en zo helpen voorkomen dat knolletjes worden verspreid. De strook moet volgens Koppel regelmatig worden gemaaid. Dat helpt bovendien bij het terugdringen van knolcyperus. Een grasstrook kan daarmee een extra maatregel zijn naast andere maatregelen om verspreiding vanaf besmette percelen te beperken. Vooral bij percelen waar water zich tijdens zware regenval verzamelt, is het volgens Koppel belangrijk hiermee rekening te houden.

Bekijk meer over:

Lees ook

Marktprijzen

Meer marktprijzen

Laatste nieuws

Nieuwste video's

Kennispartners

Meest gelezen

Nieuw op MechanisatieMarkt.nl

Meer advertenties

Vacatures

Weer

  • Woensdag
    20° / 12°
    20 %
  • Donderdag
    18° / 11°
    55 %
  • Vrijdag
    20° / 9°
    0 %
Meer weer