Noord-Brabant verruimt mogelijkheden voor stoppende veehouders

Provincie Noord-Brabant past de subsidieregeling Gebiedsgerichte Beëindiging Veehouderijlocaties (GBV) tussentijds aan. Veehouders die volledig stoppen met hun veehouderijlocatie mogen voortaan tot 15 procent van hun vergunde stikstofruimte blijven benutten voor een nieuwe activiteit op dezelfde locatie.

Wil een gestopte Noord-Brabantse veehouder een andere economische activiteit beginnen, dan is stikstof nu niet direct een blokkade.
© Twan Wiemans

Met de tussentijdse aanpassing van de subsidieregeling wil provincie Noord-Brabant deze aantrekkelijker maken en agrarisch ondernemers meer toekomstperspectief bieden na de beëindiging van hun bedrijf. De aanpassing sluit aan bij de werkwijze die al geldt voor de Landelijke beëindigingsregeling veehouderijlocaties (Lbv) en de variant daarvan voor piekbelasters (Lbv-plus).

Door een gezamenlijke handreiking van provincies, het Rijk, gemeenten en omgevingsdiensten is er nu ook voor de GBV-regeling een juridische basis om een beperkt deel van de stikstofruimte te behouden. Het grootste deel van de stikstofruimte wordt ingezet voor natuurherstel, zoals de regeling beoogt.

Herman Litjens, beleidsspecialist Platteland en Omgeving bij ZLTO, noemt de aanpassing logisch. 'Bij de landelijke regelingen was dit al mogelijk. Het is goed dat Noord-Brabant daar nu bij aansluit. Het draagt eraan bij dat ondernemers duidelijkheid kunnen krijgen over wat nog kan op een locatie na beëindiging. Die duidelijkheid is vaak doorslaggevend om wel of niet mee te doen. Maar nog steeds is vooral de gemeente aan zet of ze de beoogde nieuwe activiteit acceptabel vindt.'


Blokkade wegnemen

Volgens Litjens kan het behouden van 15 procent stikstofruimte net het verschil maken. 'Stel dat een agrarisch ondernemer na het stoppen een andere economische activiteit wil beginnen, zoals een ambachtelijk bedrijfje, multifunctionele landbouw of een kleine werkplaats, dan is stikstof niet direct een blokkade. Dat helpt om die stap daadwerkelijk te zetten.'

Naast de verruiming van stikstofgebruik wijst de provincie op twee belangrijke verschillen met de Lbv-regeling. In de GBV-regeling wordt uitgegaan van de getaxeerde waarde van gebouwen, terwijl de Lbv en Lbv-plus werken met de zogenoemde gecorrigeerde vervangingswaarde. Volgens de woordvoerder van gedeputeerde Wilma Dirken (VVD) pakt dat vooral gunstig uit voor bedrijven met oudere stallen waarin wel flink is geïnvesteerd aan de binnenzijde. 'Bij een taxatie wordt die investering meegenomen, terwijl die bij een forfaitaire waardering vaak buiten beeld blijft.'


• Lees meer over de Brabantse stikstofaanpak op onze overzichtspagina

Een tweede verschil is dat de GBV-regeling het mogelijk maakt om slechts een deel van het bedrijf te beëindigen. Bij de landelijke regelingen wordt het volledige bedrijf gesaneerd. 'Dat biedt ondernemers meer maatwerk. Zeker voor bedrijven die strategisch zijn gelegen of waar nog andere activiteiten mogelijk zijn', aldus de woordvoerder van Dirken.

De GBV-regeling richt zich op veehouderijlocaties binnen 1.000 meter van stikstofgevoelige Natura 2000-gebieden. Met de aangepaste regeling wil de provincie beter aansluiten bij de praktijk en meer ondernemers perspectief bieden op een nieuwe invulling van hun erf.

Lees ook

Marktprijzen

Meer marktprijzen

Laatste nieuws

Nieuwste video's

Kennispartners

Meest gelezen

Nieuw op MechanisatieMarkt.nl

Meer advertenties

Vacatures

Weer

  • Donderdag
    9° / 6°
    70 %
  • Vrijdag
    3° / 1°
    40 %
  • Zaterdag
    2° / -2°
    20 %
Meer weer