‘We fokken op ruimer bekken’

Slechts een handjevol dikbilkoeien verblijft deze dag in de potstal. ‘Die twee koeien daar moeten binnenkort afkalven’, wijst Jan Tupker. De flinke dames kijken kalm voor zich uit en zwiepen wat met hun staart. ‘Het linkerdier is een derde kalfkoe. Vorig jaar werd haar kalf op de natuurlijke manier geboren, ik verwacht dat het dit jaar ook gaat lukken.’
Voor die andere koe kan Tupker helaas nog geen voorspelling doen. Vorig jaar heeft ze als vaars een keizersnede gehad. Dat ondergaat overigens elke dikbilkoe op Hoeve Ravenstein als ze voor het eerst in haar leven afkalft.
‘De bekkenhoogte is bij vaarzen erg smal, circa 15 centimeter’, legt hij uit. ‘Een natuurlijke geboorte geeft te veel risico’s voor zowel vaars als kalf. Ook met deze koe moeten we voorzichtig zijn, haar bekkenhoogte is slechts 16 centimeter.’
Sinds tien jaar laat Tupker de bekken van zijn vrouwelijke dieren meten, iets dat inmiddels een kwart van de dikbilfokkers doet. Het meten wordt uitgevoerd door een medewerker van het Belgisch Witblauw Stamboek Nederland. Deze meet dit rectaal via een pelvimeter.
De veehouder streeft naar een bekkenhoogte van 20 tot 21 centimeter. Bij die afstand kan een kalf doorgaans probleemloos door het geboortekanaal naar buiten.
De bekkengrootte van een koe groeit overigens nog door tot een leeftijd van vier of vijf jaar. Bij een dier van anderhalf jaar oud groeit de bekkenhoogte gemiddeld nog 3,4 centimeter.

Hogere levensduur

Voordat de familie Tupker haar fokbeleid omgooide, kwamen nagenoeg alle kalveren via een keizersnede ter wereld. Maar inmiddels is dat percentage, bij koeien die twee of meer keer hebben afgekalfd, gedaald naar 53 procent. Het gezin hoopt dat dit percentage in 2020 verder is gedaald naar 40 procent.
‘Natuurlijke geboorten passen prima binnen ons bedrijf. We hebben een kleinschalige boerderij met ruim vijftig koeien. Het vlees verkopen we in onze winkel. Burgers vinden het positief dat onze dikbillen weinig keizersneden ondergaan. Het is toch onnatuurlijk. Maar er is ook een grote groep die daar totaal niet kritisch in is.’
Zelf ziet de veehouder veel voordelen in een dikbilfokkerij waar kalfjes probleemloos worden geboren. Koeien gaan simpelweg langer mee. ‘Vier tot vijf keizersneden bij een dier is echt de max. Je kunt niet eindeloos doorgaan. Maar een koe die altijd op de natuurlijke manier afkalft, kun je na vijf kalfjes gerust nog twee keer laten dekken.’
Het beleid van minder keizersneden pakt ook goed uit voor zijn portemonnee, want zijn veearts rekent al snel 250 tot 300 euro per operatie.

Stierkeuze

Bij het fokken op minder keizersneden heeft Tupker twee knoppen om aan te draaien. De bekkenhoogte is de belangrijkste, nog belangrijker dan het geboortegewicht van het kalf. Het kenmerk heeft een erfelijkheidsgraad van 38 tot 48 procent. De dieren met de smalste bekkens gebruikt de veehouder niet voor de fokkerij. Het betreft circa 20 procent van de koppel.
De tweede knop waar de dikbilfokker aan draait, is de stierkeuze. Alleen stieren die zelf op een natuurlijke manier ter wereld kwamen, kort gedragen zijn en een laag geboortegewicht hadden, mogen op Hoeve Ravenstein nakomelingen verwekken. Ook wil Tupker weten wat de bekkenafmetingen zijn van de stier en zijn moeder. ‘Helaas zijn er bij KI-stieren geen bekkenmaten bekend. Dat is echt een groot probleem.’
De veehouder koopt daarom geregeld een stier bij een collega. Het moet een stamboekrund zijn met een goede bloedlijn, sterk beenwerk en een vleestypische bouw.
Een stier dekt gedurende anderhalf tot twee jaar al het vrouwelijke vleesvee op het bedrijf. ‘Dit is wel een risico natuurlijk. Nu hebben we dertig dochters van één vader. Gelukkig pakt het goed uit qua bespiering en aantallen natuurlijke geboortes, maar dat kan ook anders. Daarom hoop ik dat KI-organisaties snel goede gegevens van de bekkenmaten van de Belgische Witblauwe stieren introduceren.’
Tupker verwacht dat de selectie voor een ruimer bekken tot iets minder bespierde dieren leidt. ‘Veel zal dat niet zijn hoor, ik verwacht dat we vijf procent bespiering inleveren. Maar dat is prima. Wij willen als fokker naar eer en geweten handelen. Ons huidige fokbeleid voelt goed.’

Weer

  • Vrijdag
    15° / 10°
    50 %
  • Zaterdag
    15° / 10°
    50 %
  • Zondag
    14° / 8°
    20 %
Meer weer