Jan Pepping gaat biologisch bollen telen op grond van gemeente Bergen

Tulpenland pachten voor 1 euro per hectare, wie wil dat nou niet? Toch waren er onlangs weinig bollenkwekers op de bijeenkomst bij de firma Pepping in het Noord-Hollandse Bergen. Geïnteresseerden uit de regio namen wel een kijkje.

Jan Pepping geeft een toelichting bij het perceel waar de biologische bollen moeten komen.
© Bernadette Kroon

Wethouder Ernest Briët (PvdA) is blij met de opkomst. Trots vertelt hij hoe goed de pilot voor de biologische bollenteelt past binnen de visie van de gemeente op een toekomstbestendige landbouw. Verslaggevers van regionale kranten schrijven hun notitieblokjes vol. Na afloop spraken we met bollenteler Jan Pepping. Zijn overwegingen zijn begrijpelijk, maar na dit gesprek klonk die euro per hectare niet meer zo aantrekkelijk.

De 7,5 hectare die Pepping twaalf jaar kan gebruiken, ligt naast de thuispercelen van het bollenbedrijf in het Noord-Hollandse Egmond aan den Hoef. 'Er is lang gepraat over de verplaatsing van drie voetbalvelden naar deze locatie. Het betekent dat mijn bollenpercelen dan direct naast een drukbezochte sportclub komen te liggen', vertelt hij.

'Er was veel verzet tegen de komst van de voetbalvelden. Deze binnenduinrand is nu in zijn geheel beschikbaar gesteld aan agrariërs', vervolgt de kweker. 'In ons dorp is veel begrip voor de bollenteelt. Dit gebied is door de provincie aangewezen als concentratiegebied voor bloembollen.'

De eerste jaren moeten we gebruiken om het land weer op orde te krijgen

Jan Pepping, bollenteler in Egmond aan den Hoef (NH)

De strijdkreet van het verzet: 'Geen ballen, maar bollen' heeft de wethouder omgedoopt in een positieve leus: 'Bollen, maar dan wel biologisch geteeld.' Als deze proef slaagt, gaat Bergen biologisch telen dan verplicht stellen binnen de gemeentegrenzen? 'Nee, dat is zeker niet onze intentie', zegt Brïet. 'Wij willen een praktijkvoorbeeld mogelijk maken van biologisch telen op deze zandgrond.'


De teler gaat ervan uit dat de teeltmethoden en -oplossingen uit de biologische bedrijfsvoering vanzelf worden overgenomen door de praktijk als ze goed werken. Hij vertelt dat de gezamenlijke bollentelers en andere grondeigenaren de afgelopen vijftien jaar flink hebben geïnvesteerd in de aanvoer van zoet water uit het boezemwater van het Noord-Hollands kanaal. De sector heeft zich hiermee ingezet voor de toekomst van de bollenteelt in de binnenduinrand.

'Mijn familie zit al meer dan honderd jaar op deze plek, sinds drie generaties telen wij bloembollen. Wij telen op 35 hectare eigen land tulpen, krokussen, narcissen, muscari's en een aantal kleinere bolgewassen. Omdat wij zoveel verschillende gewassen telen, is er sprake van een gezonde roulatie', stelt Pepping. 'Bovendien vinden wij de afwisseling leuk. Tussendoor geven we het land rust met een jaar groenbemesters. Door de kennismaking met de biologische teelt, hopen wij veel te leren over weerbare teelten.'


Organisatie BioBol

Pepping is niet de eerste biologische bollenteler. De organisatie BioBol bestaat inmiddels uit zeven leden. Zij verwelkomen alle nieuwe leden, want zoals Anton Bom uit het Zuid-Hollandse Goeree-Overflakkee zegt: 'Met meer aanvoerders van biologische bollen, krijgen grotere kopers meer zekerheid dat hun bestellingen worden geleverd.'

De leden wisselen veel informatie uit en volgens Pepping is hun steun heel belangrijk. Bovendien heeft de bollenteler twee buurjongens die technisch zijn opgeleid. 'Die jongens staan te popelen om aan dit avontuur te beginnen.'

De percelen die Pepping dit jaar voor het eerst in gebruik neemt, lagen grotendeels braak. Alles ligt nu klaar onder een gehakselde groenbemester, maar er komen de eerste jaren nog geen bollen in. 'Daar komt zo niks van terecht. De eerste jaren zet ik er nog meer groenbemesters en rustgewassen op. Sowieso mag je na twee jaar pas je eerste biologische bollen planten. Wij telen hier gelukkig op de geestgronden. Dat zijn mineraalrijke zandgronden met een organischestofgehalte van 2 tot 3 procent. De biologische percelen moeten wij nu bemesten met biologische mest.' De biologische veehouders nemen daarvoor alleen het graan en gras af dat Pepping op de 7,5 hectare gaat telen.

De Noord-Hollandse teler, die voor de nieuwe tak de aparte bv Egmond Organics heeft opgezet, voorziet veel hogere kosten en een lagere omzet. Hij is wel geïnteresseerd in een automatische wiedrobot, maar die investering is nog steeds zo'n 100.000 euro. Dit nieuwe land betekent dus veel extra handwerk, vooral in de onkruidbestrijding. Wat betreft de biologische gewasbescherming en biostimulanten, reikt zijn ervaring nog niet verder dan zeewierextracten.


Tulpen niet haalbaar

Wat Pepping zich inmiddels wel realiseert, is dat de tulpenteelt voorlopig niet haalbaar is. Zelfs de zogenaamde botanische tulpensoorten, die van nature sterk zijn, zullen op deze grond nu niet gedijen. De bollenteler is realistisch: 'Nee, ik denk in eerste instantie voor 2028 aan maximaal 1 tot 2 hectare dahlia's, galponia's en mirabilis. De rest zaaien we in met groenbemesters. Wij hebben nog geen afzet voor biologische bollen.'


Wethouder Ernest Briët (PvdA) van gemeente Bergen vertelt enthousiast over de biologische bollenteelt.
Wethouder Ernest Briët (PvdA) van gemeente Bergen vertelt enthousiast over de biologische bollenteelt. © Bernadette Kroon

Wethouder Briët is optimistisch. Hij ziet een grote interne markt in de gemeente Bergen en omstreken. 'Het milieubewustzijn van de inwoners neemt de laatste jaren snel toe. Hoe fantastisch zou het zijn als zij in hun eigen gemeente biologische bloembollen kunnen kopen?'

De wethouder oppert zelfs het idee om de oude schuren op het land om te toveren tot informatiecentrum over de biologische bollenteelt. Pepping zucht: 'Gelukkig ben ik nu aangesloten bij het fieldlab. Die hebben veel ervaring met dit soort projecten. Zoals de interesse nu is, kan ik dit werk er echt niet allemaal bij hebben. Hopelijk kan de gemeente iemand vrijmaken voor dit project.'


In fieldlabs worden tests op praktijkschaal uitgevoerd

Behalve bij BioBol heeft Jan Pepping zich ook aangesloten bij de Fieldlab Bol in Noord-Holland. Dit is een praktijkbedrijf waar onder begeleiding van kennisinstellingen bepaalde ontwikkelingen in de praktijk worden toegepast, gestuurd, gemonitord en geëvalueerd. Niet alleen de agrarische sector gebruikt fieldlabs, ook in de zorgsector en industrie zijn er dergelijke initiatieven. Op deze manier stimuleert de overheid met subsidies de wenselijke ontwikkelingen in de diverse sectoren. In de praktijk zetten de grote leveranciers en producenten in op ontwikkelingen die rendabel en winstgevend zijn. Sommige innovaties maken een moeizame ontwikkeling door, maar breken daarna toch grootschalig door. Peilgestuurde drainage is een voorbeeld van zo’n innovatie met een haperende start. De Fieldlab Bol wordt aangestuurd vanuit het proefstation in Zwaagdijk en kent een aantal deelnemers uit de sector zelf. De teelt van duurzame bollen staat in Noord-Holland hoog op het prioriteitenlijstje, aangezien iedereen zich ervan bewust is dat het middelenpakket en maatschappelijk draagvlak onder druk staan. Andere partners in de fieldlab zijn Greenport Noord-Holland Noord als belangenbehartiger, Vertify en SBO als kenniscentrum, CNB en Anthos als afzetorganisaties en ketenpartijen, Hogeschool InHolland en Vonk voor scholing en Rabobank als financier. De Fieldlab Bol wordt mede gesponsord door de Europese Unie. Voor Egmond Organics is de gemeente Bergen ook een serieuze sponsor. Zij hadden er ook voor kunnen kiezen de beschikbare grond te verkopen voor een andere bestemming.

Bekijk meer over:

Lees ook

Marktprijzen

Meer marktprijzen

Laatste nieuws

Nieuwste video's

Kennispartners

Meest gelezen

Nieuw op MechanisatieMarkt.nl

Meer advertenties

Vacatures

Weer

  • Vrijdag
    9° / 6°
    90 %
  • Zaterdag
    10° / 2°
    40 %
  • Zondag
    11° / 0°
    40 %
Meer weer